Sinds het schrijven van mijn leesautobiografie zo'n twee en een half jaar geleden heb ik me op literair niveau een heel eind ontwikkeld. Dit op verschillende vlakken: ik heb een kijkje kunnen nemen bij boeken van genres waar ik anders niet naar gekeken zou hebben. Dit heeft er voor gezorgd dat ik meer genres ben gaan waarderen. Ik heb echter ook kunnen zien welke boeken absoluut niks voor mij zijn. Een beter zicht op wat ik leuk vind en wat niet. Maar ook heb ik geleerd meer inzicht te verwerven in de diepere betekenis van een boek. Dit heeft een aantal boeken een stuk vermakelijker gemaakt dan wanneer ik ze slechts oppervlakkig had gelezen. Daarnaast heb ik een beter beeld gekregen van het Nederlandse literatuurlandschap. Ik dacht eerst dat het maar een saaie bedoening was, maar dit beeld is zeker veranderd. In mijn bovenbouwjaren heb ik veel Nederlandse boeken gelezen waar ik van genoten heb, en enkele zijn tot mijn favorieten gaan behoren. En er zijn nog boeken die ik via de lessen heb leren kennen, maar nog niet gelezen heb en wel graag wil lezen.
Een aantal boeken waar ik het meest van genoten heb, zal ik nu noemen. Te beginnen met VSV van Leon de Winter. Dit boek vond ik om te beginnen interessant door de keuze van bestaande personen als personages in het boek. Daarnaast staat het verhaal vol met ingewikkelde verbanden, die gelukkig wel te volgen zijn. En daarnaast bevat het boek nog een thema over het beteren van jezelf. Dit zowel voor Max Kohn als voor Theo van Gogh. Dit boek was voor mij de eye-opener van de Nederlandse literatuur: het was het leukste boek dat ik in een tijd gelezen had. Dit was een fictief boek. Een non-fictief boek waar ik erg van genoten heb, is Oorlog en Terpentijn. Als ik het me goed herinner voor het eerst dat ik zo'n groot non-fictief boek gelezen had, en ook deze heeft mijn ogen geopend. Dit maal voor een heel genre. Een schrijnend en zeer droevig verhaal over een man voor wie het leven niet goed geweest is. En de visie van de schrijver, die zijn grootvader beter leert kennen en begrijpen. Een daarnaast ook over de gruwel van oorlog. Dit is nu een van mijn favorieten geworden, en tevens heb ik ervan geleerd dankbaar te zijn voor het feit dat ik in zo'n rustig en vredig gebied leef. Een derde boek dat ik wil highlighten is Max Havelaar. Nog een eye-opener: dit boek heeft mij getoond hoe oude literatuur ook nog erg leuk kan zijn om te lezen. Hierin komt ook weer wat historische gruwel naar voren, ditmaal in de vorm van het onrecht dat Nederlanders vroeger in Nederlands-Indië hebben begaan. Wederom maakt dit mij dankbaar voor mijn vredige leefomgeving. Deze drie zijn niet de enige waar ik van genoten heb, ik heb deze specifiek gekozen om te laten zien hoe ik verschillende soorten boeken meer ben gaan waarderen.
Natuurlijk waren niet alle boeken leuk. Er zijn twee boeken die op mij erg saai zijn overgekomen, en een die ik ronduit vreselijk vond. "Ik was nooit in Isfahaan" vond ik weinig interessant, voornamelijk door het feit dat ik de meeste verhalen niet echt begreep. De tweede was "De Aanslag", maar dit begrijp ik achteraf gezien niet zo goed. Terugkijkend klonk het verhaal wel interessant. Het zou kunnen dat de hoofdpersoon mij niet aanstond, dat hij veel zeurde of zo, of misschien trok het taalgebruik mij niet aan. Dit ga ik voor het mondeling nog uitzoeken. Het boek waarvan ik echter nog precies weet waarom ik het vreselijk vond, is "Een Schitterend Gebrek". Ik vond de hoofdpersoon onuitstaanbaar. Voor mij was ze een vreselijke zeurkous en nam ze verschillende domme beslissingen die ik begrijp, maar waar ik geen begrip voor heb. Door het boek heen komen was voor mij een hele opgave, wat bij een boek niet zo zou moeten zijn. Een boek lezen moet leuk zijn.
Naast het feit dat ik een beter beeld heb gekregen van hoe het Nederlands literatuurlandschap eruit ziet, heb ik van literatuur zelf een ander beeld gekregen. Aan het begin van de vierde klas las ik alleen omdat ik van spannende en/of grappige verhalen. Door de jaren heen ben ik meer oog van krijgen voor diepere betekenissen in boeken, en heb daarmee veel boeken voor mezelf een stuk leuker kunnen maken. Zo heb ik VSV gelezen als simpelweg een erg spannend en gecompliceerd verhaal. Maar bij de voorbereiding op het mondeling heb ik ook gelezen dat er nog een dieper thema in het boek zit, namelijk dat van verbetering van jezelf. Dit had ik er toen niet uitgehaald, maar dergelijke dingen kan ik tegenwoordig wel in boeken vinden. Uit "Kaas" heb ik zelfstandig de boodschap kunnen vissen: dat je niet meer moet willen doen dan wat binnen je macht ligt.
Bij het maken van dit blog zijn niet alle opdrachten even voorbeeldig uitgevoerd. In een aantal gevallen was er sprake van een te late start, met name bij de creatieve opdrachten. Hierdoor kwam soms niet geheel naar voren in hoeverre ik een boek begrepen heb, ook als dat wel zo was. Verder heb ik me wel goed kunnen uitdrukken in de opdrachten, wat betreft begrip van een boek.
Zoals ik al eerder zei: er zijn boeken die ik voor mijn leeslijst niet gelezen heb, maar die ik nog wel graag ooit lezen wil. Dit zal ik later ook zeker doen. Lezen is nog altijd een grote hobby van me, en mede dankzij de Nederlandse literatuurlessen ben ik er anders naar gaan kijken en heb ik tevens mijn interesse verbreed. Ik zal meer lezen uit meer genres en meer diepgang vinden, wat mijn leeservaring zal verbeteren. Tevens zal het feit dat ik meer diepere betekenissen in boeken kan vinden betekenen dat ik er meer lessen in kan vinden, wat levensverrijkend kan werken.
Leesdossier Nederlands Nelson Waakop Reijers 3E
dinsdag 5 januari 2016
De Aanslag
Dit boekverslag gaat over De Aanslag van Harry Mulisch. Uitgegeven in Groningen door Wolters-Noordhoff. Druk niet gegeven, Kroonlijsters uitgave. De eerste druk verscheen in 1982. Deze uitgave bevat 204 pagina's. Het boek gaat over Anton Steenwijk. Met zijn ouders speelt hij in de Tweede Wereldoorlog een spelletje Mens-Erger-Je-Niet, wanneer er voor het huis van hun buren een man wordt neergeschoten: NSB'er Fake Ploeg. De buren slepen het lijk naar voor het huis van de Steenwijks. Antons broer Peter wil het lijk nog terugslepen, maar wordt verhinderd door de komst van Duitse militairen. Gezien de nieuwe ligging van het lijk worden de Steenwijks van deze aanslag verdacht en gaat hun huis in de brand. Anton weet te ontsnappen en wordt een nacht lang in een cel vastgehouden. Hier ontmoet hij een vrouw, die emotioneel hevig reageert op dit nieuws. Anton groeit hierna bij zijn oom en tante op. Vervolgens worden verschillende periodes uit zijn leven beschreven: steeds periodes waarin Anton ontdekkingen doet en mensen ontmoet die ervoor zorgen dat hij meer over de aanslag te weten komt. Waarom daar, door wie en waarom het lichaam verplaatst werd.
Een aanleiding om dit boek te lezen was om in ieder geval een boek van de Grote Drie op mijn leeslijst te hebben. Tevens klonk het boek wel interessant, anders had ik het überhaupt niet gekozen.
Een van de motieven die voorkomt in het verhaal is het langzaamaan ontmoeten van steeds meer mensen die in verbinding staan met de aanslag die ooit voor Antons huis gepleegd is. Dit toont aan hoe een gebeurtenis als zo'n dergelijke een mens een heel leven kan blijven achtervolgen, zowel fysiek als mentaal. Elke ontmoeting zet hem namelijk weer aan het denken over de gebeurtenissen, wie nou de schuldige is. Een tweede motief is het steeds terugkeren van dobbelstenen in het verhaal. De aanwezigheid van een dobbelsteen in het verhaal toont aan dat er iets belangrijks gebeurd is in Antons leven. Het thema van het boek is omgaan met en verwerken van een traumatische gebeurtenis, en met name het uitzoeken wie schuldig is aan de gebeurtenis. Anton heeft lange tijd geen last van de herinneringen aan de gebeurtenis, maar naarmate hij er steeds meer van te weten komt, gaat het hem steeds meer lastigvallen. Pas als hij precies weet hoe en waarom het gebeurde gebeurd is, vindt hij weer rust.
Het boek vond ik leuk om te lezen. Mulisch gebruikt weinig ingewikkeld taalgebruik, wat ervoor zorgt dat het verhaal erg snel te lezen is. De inhoud bevat echter vaak cryptische dubbele betekenissen, die soms om pauzes om het gezegde te overdenken vragen. Zo is er de volgende zin: "Maar veel kon binnenlandse politiek hem ook toen niet schelen: ongeveer zoveel als de overlevende van een luchtramp geïnteresseerd is in papieren vliegtuigjes." Deze zin kan erg letterlijk opgevat worden, waarbij het simpelweg zou betekenen dat binnenlandse politiek Anton niet veel interesseert. Maar bij het nadenken over de zin dacht ik bij mezelf: een overlevende van een vliegtuigramp wil niet aan vliegtuigen en aanverwante zaken denken, omdat het slechte herinneringen bij hem ophaalt. Hoe zit dat bij Anton? Krijgt hij ook slechte herinneringen door aan politiek te denken? Dat is, volgens mij, wel zo. De aanslag op Fake Ploeg was immers, in bepaalde opzichten, een politieke. Ploeg was NSB'er, volger van het nationaal-socialisme. De bijbehorende staatsvorm wekte veel weerzin bij de bevolking. Hij werd neergeschoten door een communist, ook weer een politieke beweging die controverse ondervond van velen. Deze botsing, voortkomend uit verschillende politieke idealen, heeft een grote, traumatische invloed gehad op Antons leven, en daarom denkt Anton liever niet aan politiek, vooral niet over politieke tegenstrijdigheden en botsingen.
De weergave van personages vond ik ook leuk. Antons gedachten worden duidelijk omschreven, zodanig dat je steeds goed weet wat voor persoon hij is en hoe zijn persoonlijkheid verandert door de jaren heen. Andere figuren, die Anton ziet, beschrijft en beoordeelt, worden ook op zo'n manier beschreven dat men een goed beeld krijgt van wat voor personen het zijn. Ondanks dat ik het boek leuk vond, is het bij lange na niet mijn favoriet op mijn leeslijst. Dit komt doordat de manier van schrijven weliswaar het verhaal goed op gang houdt, maar het weinig spanning opwekt. Daar is dit ook helemaal het verhaal niet voor. Spanning is helemaal niet belangrijk in het verhaal, ontdekking en ontwikkeling des te meer. Hoewel ik snap dat dit voor het verhaal zo moet, mis ik de spanning toch een beetje.
De balk is ondertussen gevonden, dus hier is hij weer.
Een aanleiding om dit boek te lezen was om in ieder geval een boek van de Grote Drie op mijn leeslijst te hebben. Tevens klonk het boek wel interessant, anders had ik het überhaupt niet gekozen.
Een van de motieven die voorkomt in het verhaal is het langzaamaan ontmoeten van steeds meer mensen die in verbinding staan met de aanslag die ooit voor Antons huis gepleegd is. Dit toont aan hoe een gebeurtenis als zo'n dergelijke een mens een heel leven kan blijven achtervolgen, zowel fysiek als mentaal. Elke ontmoeting zet hem namelijk weer aan het denken over de gebeurtenissen, wie nou de schuldige is. Een tweede motief is het steeds terugkeren van dobbelstenen in het verhaal. De aanwezigheid van een dobbelsteen in het verhaal toont aan dat er iets belangrijks gebeurd is in Antons leven. Het thema van het boek is omgaan met en verwerken van een traumatische gebeurtenis, en met name het uitzoeken wie schuldig is aan de gebeurtenis. Anton heeft lange tijd geen last van de herinneringen aan de gebeurtenis, maar naarmate hij er steeds meer van te weten komt, gaat het hem steeds meer lastigvallen. Pas als hij precies weet hoe en waarom het gebeurde gebeurd is, vindt hij weer rust.
Het boek vond ik leuk om te lezen. Mulisch gebruikt weinig ingewikkeld taalgebruik, wat ervoor zorgt dat het verhaal erg snel te lezen is. De inhoud bevat echter vaak cryptische dubbele betekenissen, die soms om pauzes om het gezegde te overdenken vragen. Zo is er de volgende zin: "Maar veel kon binnenlandse politiek hem ook toen niet schelen: ongeveer zoveel als de overlevende van een luchtramp geïnteresseerd is in papieren vliegtuigjes." Deze zin kan erg letterlijk opgevat worden, waarbij het simpelweg zou betekenen dat binnenlandse politiek Anton niet veel interesseert. Maar bij het nadenken over de zin dacht ik bij mezelf: een overlevende van een vliegtuigramp wil niet aan vliegtuigen en aanverwante zaken denken, omdat het slechte herinneringen bij hem ophaalt. Hoe zit dat bij Anton? Krijgt hij ook slechte herinneringen door aan politiek te denken? Dat is, volgens mij, wel zo. De aanslag op Fake Ploeg was immers, in bepaalde opzichten, een politieke. Ploeg was NSB'er, volger van het nationaal-socialisme. De bijbehorende staatsvorm wekte veel weerzin bij de bevolking. Hij werd neergeschoten door een communist, ook weer een politieke beweging die controverse ondervond van velen. Deze botsing, voortkomend uit verschillende politieke idealen, heeft een grote, traumatische invloed gehad op Antons leven, en daarom denkt Anton liever niet aan politiek, vooral niet over politieke tegenstrijdigheden en botsingen.
De weergave van personages vond ik ook leuk. Antons gedachten worden duidelijk omschreven, zodanig dat je steeds goed weet wat voor persoon hij is en hoe zijn persoonlijkheid verandert door de jaren heen. Andere figuren, die Anton ziet, beschrijft en beoordeelt, worden ook op zo'n manier beschreven dat men een goed beeld krijgt van wat voor personen het zijn. Ondanks dat ik het boek leuk vond, is het bij lange na niet mijn favoriet op mijn leeslijst. Dit komt doordat de manier van schrijven weliswaar het verhaal goed op gang houdt, maar het weinig spanning opwekt. Daar is dit ook helemaal het verhaal niet voor. Spanning is helemaal niet belangrijk in het verhaal, ontdekking en ontwikkeling des te meer. Hoewel ik snap dat dit voor het verhaal zo moet, mis ik de spanning toch een beetje.
De balk is ondertussen gevonden, dus hier is hij weer.
maandag 4 januari 2016
Het schervengericht
Als laatste boek van mijn leeslijst heb ik 'Het Schervengericht' door A.F.Th. Van Der Heijden gelezen. Uitgegeven in Amsterdam, druk 11, januari 2010 door De Bezige Bij. Eerste druk uit 2007, door Querido. Deze uitgave bezit 1043 bladzijdes. Het boek gaat voornamelijk over Roman Polanski, een bekende regisseur. Zijn vrouw is in 1969 vermoord door volgelingen van Charlie Manson in diens opdracht. Manson en de moordenaars zijn hiervoor levenslang de cel in gegaan. In 1977 wordt Polanski zelf de cel ingestuurd. Hij heeft seks gehad met een 13-jarig meisje en moet voor een psychologisch 6 weken in de cel verblijven. Aangezien hij daar niet herkend wil worden, neemt hij een baard, bril en schuilnaam: Remo Woodehouse. Hij meldt zich vrijwillig aan om zijn afdeling schoon te maken met een medegevangene. Deze medegevangene heeft een compleet omzwachteld hoofd, omdat hij in een andere gevangenis in brand gestoken is. Na een aantal gesprekken gevoerd te hebben blijkt dat deze man Charlie Manson is. Dit is voor Remo een schokkende ontdekking, en veel gesprekken volgen. Remo wil de redenen van Charlies acties achterhalen. Uiteindelijk lukt hem dat, maar niet zonder hevige fysieke en mentale confrontaties. Terwijl dit hele verhaal verteld wordt, komt er langzaamaan naar voren dat de ontmoeting van de twee geen toeval is: een man, Spiros Agraphiotis ofwel De Griek, heeft hen stiekem bij elkaar laten plaatsen en is expres gevangenenbewaarder geworden in de periode dat de twee mannen elkaar weer ontmoeten. Hij blijkt door het verhaal heen een onsterfelijk figuur te zijn, en heeft een kleine hand gehad in de eerdere acties van Charlies sekte. Hij hoopt de uitvoer van Charlies plannen te doen herleven, maar dot mislukt. Na deze periode in de gevangenis vertrekt hij terug naar Nederland, om zich te focussen op een kind in wie hij een groot toekomstig leider ziet. De rechter die Polanski eerder berechtte wil diens straf verlengen. Om dit te ontkomen vlucht Polanski naar Parijs, zijn geboortestad. Tijdens de vlucht naar zijn tussenstop, Londen, komt hij naast Agraphiotis te zitten. De mannen hebben nog wat gesprekken, maar niet zo veel over de gebeurtenissen in de gevangenis. Meer over Romans verleden. Het verhaal eindigt met Polanski in Parijs die een interview doet over zijn volgende film en Agraphiotis die in Amsterdam plannen maakt voor het kleine kind.
Ik heb dit boek gekozen omdat ik op mijn leeslijst een niveau-6-boek wilde hebben, en ik begrepen had dat dit boek een van de twee leesbare niveau-6-boeken is. Bovendien trok het plotidee mij erg aan.
Een aantal motieven komt voor in het verhaal. Een daarvan is het verwerken van Remo's verdriet om de moord van zijn vrouw. Voor zijn gevangenneming had hij zichzelf nooit de tijd gegeven om zijn rouw te verwerken. In de gevangenis wordt hij echter geconfronteerd met de moordenaar van zijn vrouw en komt hij veel te weten over de voorgeschiedenis ervan. Geholpen door twee periodes in een isoleercel overdenkt hij de gebeurtenissen veel en komt hij er wat meer tot rust mee. Hij ziet ook in dat zijn leven tussen de moord en zijn gevangenneming niet zo veel voorstelde: zijn reputatie was al slecht en zijn films van die tijd vond hij achteraf gezien niks. Een ander motief waar Remo mee te maken krijgt is zijn behandeling door het Amerikaanse rechtssysteem. Wat hem betreft is die behandeling oneerlijk: in flashbacks herleeft hij zijn verhoor kort nadat hij is opgepakt, waarin de ondervragers zelf de antwoorden bij elkaar deduceerden op hun vragen. Zijn rechter handelt meer uit persoonlijke belangen om populairder te worden onder de leden van een rijkeluisclub. Hierom veroordeelt hij Polanski strenger dan nodig was. Een ander motief dat ik moeilijk te begrijpen vond, is iets wat voortkwam uit de gesprekken tussen Manson en Polanski. Een van de doelen van Manson was om de angst voor de toekomst en de dood om te zetten in een angst voor het verleden en de geboorte. Remo snapt hier eerst helemaal niks van en heeft er geen begrip voor. Maar tijdens zijn tweede periode in een isoleercel beleeft hij, in zijn hoofd, de moord op zijn vrouw vanuit het perspectief van zijn ongeboren zoon. Hij ervaart daardoor de hulpeloosheid voor je geboorte, hoe je niks kunt doen aan de gebeurtenissen die je leven voorafgaan. Hierdoor begrijpt Polanski het denkbeeld van Manson, maar hoe dat invloed heeft op het verhaal, of wat hier de betekenis van is, heb ik helaas niet begrepen. Een motief dat Agraphiotis ondergaat is het volgende: het beïnvloeden van het leven. Wat voor persoon hij nou is, blijft in het verhaal onduidelijk. Wat echter wel zeker is, is dat hij een soort revolutie wil ontketenen. Charlie wilde hetzelfde, dus Agraphiotis besloot hem ongezien te helpen. Helaas voor hem faalt Charlie. Zodra hij ontdekt dat Polanski naar de cel moet, creëert hij een mogelijkheid om hem in hetzelfde cellenblok als Charlie te plaatsen, in de hoop dat er iets gebeurt wat Charlies revolutie alsnog kan ontketenen. Dit ziet hij zelf als het beïnvloeden van toeval. Ditmaal faalt . Bij zijn terugkeer naar huis komt hij onverwacht weer Polanski tegen in het vliegtuig. Weer heel toevallig, maar deze keer niet zijn doen. Dit geeft aan dat het leven moeilijk te beïnvloeden is. Dit wordt volgens mij nog een tweede maal duidelijk, al ben ik hier weer niet helemaal zeker. Agraphiotis geeft aan het kind dat hij als toekomstig leider ziet een zakmes cadeau voor diens vierde verjaardag. Zodra het kind het mes laat vallen besluit hij het niet zelf op te rapen wegens zijn zere voetjes. Dit komt op mij zwak over. Agraphiotis merkt dit niet, wat beteken dat hij misschien weer iemand ondersteunt die later zal falen.
Het thema van het boek is voor mij het ondergaan van een catharsis. Polanski gaat de cel in als type dat zich boven vanalles verheven voelt en zich als oneerlijk behandeld ziet. Oneerlijk behandeld is hij ook wel, maar zijn geluk gaat hij in de gevangenis anders zien. Hij ziet dat hij zich groter voelde dan hij was: zijn films in die tijd waren niet zo goed, hij was meer bezig met womanizen dan met aan zijn verloren vrouw en kind terug te denken. In de gevangenis wordt hij met dit alles geconfronteerd en stapt hij naar buiten als een herboren mens. Hij wil betere films gaan maken, hij heeft zijn rouw eindelijk verwerkt en kan weer aan de slag.
Dit boek is een van mijn favorieten van mijn leeslijst geworden, en tevens een van de leukste boeken die ik in lange tijd gelezen heb. Het verhaal heeft een excellente opbouw, waar details langzaam toegevoegd worden. En door de hoeveelheid details is dit een zeer rijk verhaal. Doorgaans komen de details uit de werkelijkheid of zijn ze daarop gebaseerd. wat het verhaal ook nog eens realistisch doet aanvoelen. Het taalgebruik is niet erg ingewikkeld, wat het boek erg snel doet lezen ondanks de meer dan duizend bladzijden. De inhoud is vaak wel erg moeilijk te begrijpen, mede door het feit dat je enige voorkennis moet bezitten over de moorden van Manson en dergelijke zaken. Maar ook zijn sommige dingen moeilijk te begrijpen omdat ze in serieverband staan: dit is slechts één boek uit een serie. Het einde was voor mij bijvoorbeeld wat onduidelijk. Chronologisch gezien is dit boek soms ook moeilijk te volgen. Het zit vol met flashbacks die als raamvertelling verhaald worden alsof ze het heden zijn in het verhaal. Dit moet goed in de gaten gehouden worden, anders kunnen dingen verkeerd begrepen worden. Ook wordt vaak niet duidelijk aangegeven wie een hoofdstuk vertelt: Polanski of Agraphiotis. Vooral aan het vertelde kan ontdekt worden wie er vertelt. Ook hier moet op gelet worden. Het is echter wel zo, dat de personages erg gedetailleerd weergegeven worden. Alles wat in hun hoofd rondgaat wordt beschreven en hierdoor leer je het personage zeer goed kennen. Zo goed heb ik dit nog nooit uitgevoerd gezien.
Als het lukt om goed op orde te houden wat wanneer gebeurt en wie wat doet, is dit een geweldig boek om te lezen. Het simpele taalgebruik zorgt voor een snelle gang door het grote aantal bladzijdes en de gecompliceerde inhoud geeft wel genoeg stof tot nadenken. Het is soms echter wel moeilijk om te begrijpen wat er nou precies met iets bedoeld wordt. Ik heb een aantal keer in deze tekst staan dat ik niet weet wat er precies met iets bedoeld wordt, dit is moeilijk te overkomen helaas. Dit staat echter niet in de weg bij het feit dat dit een overweldigend werk is, met zeer veel detail. Zoals eerder gezegd: een van de leukste boeken in een lange tijd voor mij.
Wederom ontbreekt die balk: Het zwarte gebied zou erg dichtbij de rechtergrens van de balk zitten, tussen 1/10 en 1/5 balklengte van de rechtergrens af.
Ik heb dit boek gekozen omdat ik op mijn leeslijst een niveau-6-boek wilde hebben, en ik begrepen had dat dit boek een van de twee leesbare niveau-6-boeken is. Bovendien trok het plotidee mij erg aan.
Een aantal motieven komt voor in het verhaal. Een daarvan is het verwerken van Remo's verdriet om de moord van zijn vrouw. Voor zijn gevangenneming had hij zichzelf nooit de tijd gegeven om zijn rouw te verwerken. In de gevangenis wordt hij echter geconfronteerd met de moordenaar van zijn vrouw en komt hij veel te weten over de voorgeschiedenis ervan. Geholpen door twee periodes in een isoleercel overdenkt hij de gebeurtenissen veel en komt hij er wat meer tot rust mee. Hij ziet ook in dat zijn leven tussen de moord en zijn gevangenneming niet zo veel voorstelde: zijn reputatie was al slecht en zijn films van die tijd vond hij achteraf gezien niks. Een ander motief waar Remo mee te maken krijgt is zijn behandeling door het Amerikaanse rechtssysteem. Wat hem betreft is die behandeling oneerlijk: in flashbacks herleeft hij zijn verhoor kort nadat hij is opgepakt, waarin de ondervragers zelf de antwoorden bij elkaar deduceerden op hun vragen. Zijn rechter handelt meer uit persoonlijke belangen om populairder te worden onder de leden van een rijkeluisclub. Hierom veroordeelt hij Polanski strenger dan nodig was. Een ander motief dat ik moeilijk te begrijpen vond, is iets wat voortkwam uit de gesprekken tussen Manson en Polanski. Een van de doelen van Manson was om de angst voor de toekomst en de dood om te zetten in een angst voor het verleden en de geboorte. Remo snapt hier eerst helemaal niks van en heeft er geen begrip voor. Maar tijdens zijn tweede periode in een isoleercel beleeft hij, in zijn hoofd, de moord op zijn vrouw vanuit het perspectief van zijn ongeboren zoon. Hij ervaart daardoor de hulpeloosheid voor je geboorte, hoe je niks kunt doen aan de gebeurtenissen die je leven voorafgaan. Hierdoor begrijpt Polanski het denkbeeld van Manson, maar hoe dat invloed heeft op het verhaal, of wat hier de betekenis van is, heb ik helaas niet begrepen. Een motief dat Agraphiotis ondergaat is het volgende: het beïnvloeden van het leven. Wat voor persoon hij nou is, blijft in het verhaal onduidelijk. Wat echter wel zeker is, is dat hij een soort revolutie wil ontketenen. Charlie wilde hetzelfde, dus Agraphiotis besloot hem ongezien te helpen. Helaas voor hem faalt Charlie. Zodra hij ontdekt dat Polanski naar de cel moet, creëert hij een mogelijkheid om hem in hetzelfde cellenblok als Charlie te plaatsen, in de hoop dat er iets gebeurt wat Charlies revolutie alsnog kan ontketenen. Dit ziet hij zelf als het beïnvloeden van toeval. Ditmaal faalt . Bij zijn terugkeer naar huis komt hij onverwacht weer Polanski tegen in het vliegtuig. Weer heel toevallig, maar deze keer niet zijn doen. Dit geeft aan dat het leven moeilijk te beïnvloeden is. Dit wordt volgens mij nog een tweede maal duidelijk, al ben ik hier weer niet helemaal zeker. Agraphiotis geeft aan het kind dat hij als toekomstig leider ziet een zakmes cadeau voor diens vierde verjaardag. Zodra het kind het mes laat vallen besluit hij het niet zelf op te rapen wegens zijn zere voetjes. Dit komt op mij zwak over. Agraphiotis merkt dit niet, wat beteken dat hij misschien weer iemand ondersteunt die later zal falen.
Het thema van het boek is voor mij het ondergaan van een catharsis. Polanski gaat de cel in als type dat zich boven vanalles verheven voelt en zich als oneerlijk behandeld ziet. Oneerlijk behandeld is hij ook wel, maar zijn geluk gaat hij in de gevangenis anders zien. Hij ziet dat hij zich groter voelde dan hij was: zijn films in die tijd waren niet zo goed, hij was meer bezig met womanizen dan met aan zijn verloren vrouw en kind terug te denken. In de gevangenis wordt hij met dit alles geconfronteerd en stapt hij naar buiten als een herboren mens. Hij wil betere films gaan maken, hij heeft zijn rouw eindelijk verwerkt en kan weer aan de slag.
Dit boek is een van mijn favorieten van mijn leeslijst geworden, en tevens een van de leukste boeken die ik in lange tijd gelezen heb. Het verhaal heeft een excellente opbouw, waar details langzaam toegevoegd worden. En door de hoeveelheid details is dit een zeer rijk verhaal. Doorgaans komen de details uit de werkelijkheid of zijn ze daarop gebaseerd. wat het verhaal ook nog eens realistisch doet aanvoelen. Het taalgebruik is niet erg ingewikkeld, wat het boek erg snel doet lezen ondanks de meer dan duizend bladzijden. De inhoud is vaak wel erg moeilijk te begrijpen, mede door het feit dat je enige voorkennis moet bezitten over de moorden van Manson en dergelijke zaken. Maar ook zijn sommige dingen moeilijk te begrijpen omdat ze in serieverband staan: dit is slechts één boek uit een serie. Het einde was voor mij bijvoorbeeld wat onduidelijk. Chronologisch gezien is dit boek soms ook moeilijk te volgen. Het zit vol met flashbacks die als raamvertelling verhaald worden alsof ze het heden zijn in het verhaal. Dit moet goed in de gaten gehouden worden, anders kunnen dingen verkeerd begrepen worden. Ook wordt vaak niet duidelijk aangegeven wie een hoofdstuk vertelt: Polanski of Agraphiotis. Vooral aan het vertelde kan ontdekt worden wie er vertelt. Ook hier moet op gelet worden. Het is echter wel zo, dat de personages erg gedetailleerd weergegeven worden. Alles wat in hun hoofd rondgaat wordt beschreven en hierdoor leer je het personage zeer goed kennen. Zo goed heb ik dit nog nooit uitgevoerd gezien.
Als het lukt om goed op orde te houden wat wanneer gebeurt en wie wat doet, is dit een geweldig boek om te lezen. Het simpele taalgebruik zorgt voor een snelle gang door het grote aantal bladzijdes en de gecompliceerde inhoud geeft wel genoeg stof tot nadenken. Het is soms echter wel moeilijk om te begrijpen wat er nou precies met iets bedoeld wordt. Ik heb een aantal keer in deze tekst staan dat ik niet weet wat er precies met iets bedoeld wordt, dit is moeilijk te overkomen helaas. Dit staat echter niet in de weg bij het feit dat dit een overweldigend werk is, met zeer veel detail. Zoals eerder gezegd: een van de leukste boeken in een lange tijd voor mij.
Wederom ontbreekt die balk: Het zwarte gebied zou erg dichtbij de rechtergrens van de balk zitten, tussen 1/10 en 1/5 balklengte van de rechtergrens af.
Karakter
Dit verslag gaat over het boek Karakter van Ferdinand Bordewijk. Uitgegeven in Groningen, uitgavejaar en druk niet vermeld, jaar van eerste uitgave is 1938. Deze uitgave bevat 288 bladzijdes. Dit is een 'Nieuwe Zakelijkheid' boek. Het verhaal gaat over een jongen genaamd Jacob Willem Katadreuffe. Iedereen noemt hem Katadreuffe. Katadreuffe is de achternaam van zijn moeder. Hij is een onechtelijk kind, verwekt door zijn moeder Jacoba en A.B. Dreverhaven, voor wie Jacoba toentertijd werkte. Ze weigert hierna met hem te trouwen. Na de geboorte van Katadreuffe weigert Jacoba met Dreverhaven te trouwen, ondanks zijn aanhoudende verzoeken. Tussen Katadreuffe en Jacoba loopt het contact altijd stroef, maar ze mogen elkaar wel. Op een dag neemt Katadreuffe een oude sigarenzaak in Den Haag over. Dit mondt al snel uit in een faillissement. Hij moet hiervoor op een advocatenkantoor komen. Zodra hij dit ziet, besluit hij dat hij daar wil werken omdat hij er zo van onder de indruk is. Van het faillissement wordt afgezien, en Katadreuffe krijgt de baan. Hier ziet hij voor het eerst zijn vader. Geïnspireerd door zijn werk besluit hij veel te gaan studeren, voornamelijk talen. Hij klimt steeds hoger in functie, Ontwikkelt steeds meer karakter en wordt verliefd op een collega. Helaas voor hem is ze al verloofd. Terwijl hij steeds meer succes krijgt, doet Dreverhaven nog een aantal pogingen om Katadreuffe failliet te krijgen. Deze falen allemaal, en Katadreuffe voelt zich er goed over dat hij boven zijn vader uit gestegen is. Dreverhaven reageert echter door te zeggen dat hij op die manier Katadreuffes karakter heeft helpen vormen, wat Katadreuffe niet graag hoort. hij ontdekt aan het eind van het boek dat zijn moeder al het geld dat hij altijd naar haar toe stuurde op haar rekening gezet heeft, wat na haar dood weer naar hem zal gaan. Dit verrast Katadreuffe, aangezien hij dacht alles zelf te moeten doen van haar.
Dit boek is mij aangeraden door mijn docent. Na de vraag om leesbare schrijvers van na de jaren 80 van de negentiende eeuw, werd Bordewijk genoemd met Karakter, en die heb ik besloten te lezen. Van het boek zelf had ik nog geen omschrijving gelezen, dus ik had er geen verwachting bij gemaakt.
Een van de duidelijkste motieven zijn de terugkerende faillissementen. De eerste keer komt het voort uit Katadreuffes uit voorbaat gedoemde sigarenwinkel, en leidt ertoe dat Katadreuffe bij het advocatenkantoor komt te werken. De tweede keer zorgt het ervoor dat Katadreuffe zijn financiele situatie geheel moet herzien, en de strijd met zijn vader begint. Zodra hij dit faillissement heeft afbetaald, voelt hij zich er goed over dat hij zijn vader niet zijn zin heeft gegeven. De laatste keer weet hij het voor elkaar te krijgen dat het faillissement uit voorhand al wordt verworpen, en voelt hij zich helemaal de meerdere van zijn vader. De faillissementen drijven hem zogezegd om zijn karakter te ontwikkelen. Een ander motief is zijn studie: Katadreuffe heeft het gevoel dat hij zich meer moet bekwamen in allerlei wetenschapsgebieden om meer in contact te kunnen komen met mensen in de hogere bevolkingslagen en daarmee zijn eigen karakter te kunnen ontwikkelen. Hij maakt zich constant zorgen over de achterstand die hij ten opzichte van zijn collega's heeft, sinds hij in zijn jeugd niet zulk onderwijs heeft gehad als zij. Het werkt echter wel: hij kan door zijn vergrote kennis steeds meer met de anderen meepraten, krijgt steeds betere posities, meer geld en nog meer mogelijkheid zichzelf te ontwikkelen. Zijn contact met zijn moeder vormt ook een motief: regelmatig, als Katadreuffe zich teneergeslagen voelt, besluit hij naar zijn moeder te gaan, in de hoop dat hij bij haar zijn hart kan luchten en zij hem steun kan bieden. In plaats daarvan reageert ze altijd enigszins ongeïnteresseerd, wat Katadreuffe alsmaar boos maakt. Dit zorgt er echter ook weer voor dat hij zelf sterker in zijn schoenen gaat staan om zelf al zijn problemen op te lossen, wat waarschijnlijk zijn moeders bedoeling is.
Het thema van het boek is: ontwikkelen van karakter en de moeite die je daarvoor moet doen. Aan het begin van Katadreuffes carrière is hij onervaren op alle gebieden die met het advocatenvak te maken hebben, en weet hij nog niet zo goed om te gaan met mensen van de hogere bevolkingslaag. Naarmate hij langer werkt en studeert kan hij steeds beter met iedereen meepraten, en ontwikkelt hij zijn karakter verder. Tegelijk wordt zijn vermogen om voor zichzelf op te komen versterkt door de confrontaties met zijn vader. Zodra hij ontdekt van zijn moeders spaarboekje, wat ooit aan hem zal toebehoren, realiseert hij zich dat zijn moeder toch het beste met hem voor heeft, en hem wil leren dat je zelf moeite moet doen om iets te bereiken.
De schrijfstijl is erg sober en zakelijk. Dit is erg typerend voor de Nieuwe Zakelijkheid: er wordt meer verslag gedaan dan verhaald. Dat wat gezegd moet worden, wordt onverbloemd gezegd. Dit maakt het boek over het algemeen erg makkelijk te begrijpen. De zinnen kunnen soms echter wel erg moeilijk geformuleerd zijn, zodat je ze meerdere malen moet lezen om ze te begrijpen. Deze zin vind ik nog steeds erg moeilijk te begrijpen: 'En zij kon er zich niet over ergeren dat terwijl de curator al op het portaal zijn hoofd had ontbloot gelijk iemand, ook een heer, betaamt, die een ander, ook een vrouw uit het volk, bezoekt, - dat Dreverhaven daar zat met een zwarte vilten hoed diep op zijn hoofd, in haar eigen kamer.' Dergelijke zinnen verhinderen de doorloop van het lezen, wat erg vervelend kan zijn. De tijd in het boek vliegt erg snel voorbij: het boek omspant meerdere jaren van Katadreuffes leven. Bepaalde momenten worden in detail beschreven, de periodes daartussen worden geglobaliseerd omschreven. Dit maakt dat Katadreuffes leven in zijn geheel omschreven wordt, maar alleen de belangrijke momenten daaruit in detail worden beschreven. Het beeld van Katadreuffe wordt daarmee vervolmaakt voor de lezer. Alle personen in het boek hebben een duidelijk karakter, behalve Katadreuffe die er nog een moet ontwikkelen. Het feit dat alle personen zo'n uitgesproken karakter hebben is een van de redenen dat Katadreuffe zich ervoor inzet om zijn eigen karakter te ontwikkelen. Om te laten zien hoe uiteenlopend menselijke karakters kunnen zijn, zijn alle personen in het boek heel anders. Dit is wellicht ook een doel van het boek: laten zien hoe anders mensen zijn en hoe dit zich uit in hun karakter.
Ondertuseen heb ik nog steeds de invoegfunctie voor de balk kunnen vinden. Het zwarte gebied zou zich ergens rond een kwart balkafstand van de rechtergrens bevinden.
Dit boek is mij aangeraden door mijn docent. Na de vraag om leesbare schrijvers van na de jaren 80 van de negentiende eeuw, werd Bordewijk genoemd met Karakter, en die heb ik besloten te lezen. Van het boek zelf had ik nog geen omschrijving gelezen, dus ik had er geen verwachting bij gemaakt.
Een van de duidelijkste motieven zijn de terugkerende faillissementen. De eerste keer komt het voort uit Katadreuffes uit voorbaat gedoemde sigarenwinkel, en leidt ertoe dat Katadreuffe bij het advocatenkantoor komt te werken. De tweede keer zorgt het ervoor dat Katadreuffe zijn financiele situatie geheel moet herzien, en de strijd met zijn vader begint. Zodra hij dit faillissement heeft afbetaald, voelt hij zich er goed over dat hij zijn vader niet zijn zin heeft gegeven. De laatste keer weet hij het voor elkaar te krijgen dat het faillissement uit voorhand al wordt verworpen, en voelt hij zich helemaal de meerdere van zijn vader. De faillissementen drijven hem zogezegd om zijn karakter te ontwikkelen. Een ander motief is zijn studie: Katadreuffe heeft het gevoel dat hij zich meer moet bekwamen in allerlei wetenschapsgebieden om meer in contact te kunnen komen met mensen in de hogere bevolkingslagen en daarmee zijn eigen karakter te kunnen ontwikkelen. Hij maakt zich constant zorgen over de achterstand die hij ten opzichte van zijn collega's heeft, sinds hij in zijn jeugd niet zulk onderwijs heeft gehad als zij. Het werkt echter wel: hij kan door zijn vergrote kennis steeds meer met de anderen meepraten, krijgt steeds betere posities, meer geld en nog meer mogelijkheid zichzelf te ontwikkelen. Zijn contact met zijn moeder vormt ook een motief: regelmatig, als Katadreuffe zich teneergeslagen voelt, besluit hij naar zijn moeder te gaan, in de hoop dat hij bij haar zijn hart kan luchten en zij hem steun kan bieden. In plaats daarvan reageert ze altijd enigszins ongeïnteresseerd, wat Katadreuffe alsmaar boos maakt. Dit zorgt er echter ook weer voor dat hij zelf sterker in zijn schoenen gaat staan om zelf al zijn problemen op te lossen, wat waarschijnlijk zijn moeders bedoeling is.
Het thema van het boek is: ontwikkelen van karakter en de moeite die je daarvoor moet doen. Aan het begin van Katadreuffes carrière is hij onervaren op alle gebieden die met het advocatenvak te maken hebben, en weet hij nog niet zo goed om te gaan met mensen van de hogere bevolkingslaag. Naarmate hij langer werkt en studeert kan hij steeds beter met iedereen meepraten, en ontwikkelt hij zijn karakter verder. Tegelijk wordt zijn vermogen om voor zichzelf op te komen versterkt door de confrontaties met zijn vader. Zodra hij ontdekt van zijn moeders spaarboekje, wat ooit aan hem zal toebehoren, realiseert hij zich dat zijn moeder toch het beste met hem voor heeft, en hem wil leren dat je zelf moeite moet doen om iets te bereiken.
De schrijfstijl is erg sober en zakelijk. Dit is erg typerend voor de Nieuwe Zakelijkheid: er wordt meer verslag gedaan dan verhaald. Dat wat gezegd moet worden, wordt onverbloemd gezegd. Dit maakt het boek over het algemeen erg makkelijk te begrijpen. De zinnen kunnen soms echter wel erg moeilijk geformuleerd zijn, zodat je ze meerdere malen moet lezen om ze te begrijpen. Deze zin vind ik nog steeds erg moeilijk te begrijpen: 'En zij kon er zich niet over ergeren dat terwijl de curator al op het portaal zijn hoofd had ontbloot gelijk iemand, ook een heer, betaamt, die een ander, ook een vrouw uit het volk, bezoekt, - dat Dreverhaven daar zat met een zwarte vilten hoed diep op zijn hoofd, in haar eigen kamer.' Dergelijke zinnen verhinderen de doorloop van het lezen, wat erg vervelend kan zijn. De tijd in het boek vliegt erg snel voorbij: het boek omspant meerdere jaren van Katadreuffes leven. Bepaalde momenten worden in detail beschreven, de periodes daartussen worden geglobaliseerd omschreven. Dit maakt dat Katadreuffes leven in zijn geheel omschreven wordt, maar alleen de belangrijke momenten daaruit in detail worden beschreven. Het beeld van Katadreuffe wordt daarmee vervolmaakt voor de lezer. Alle personen in het boek hebben een duidelijk karakter, behalve Katadreuffe die er nog een moet ontwikkelen. Het feit dat alle personen zo'n uitgesproken karakter hebben is een van de redenen dat Katadreuffe zich ervoor inzet om zijn eigen karakter te ontwikkelen. Om te laten zien hoe uiteenlopend menselijke karakters kunnen zijn, zijn alle personen in het boek heel anders. Dit is wellicht ook een doel van het boek: laten zien hoe anders mensen zijn en hoe dit zich uit in hun karakter.
Ondertuseen heb ik nog steeds de invoegfunctie voor de balk kunnen vinden. Het zwarte gebied zou zich ergens rond een kwart balkafstand van de rechtergrens bevinden.
zondag 29 november 2015
De Uitvreter
Het door mij gekozen verhaal heet 'De Uitvreter', geschreven door Nescio. Dit verhaal is onderdeel van een bundel, die ook de verhalen 'Titaantjes', 'Dichtertje', en 'Mene Tekel' bevat. Deze bundel is uitgegeven door 'Nijgh & Van Ditmar', Amsterdam, in 2012, 40ste druk. Deze bundel verscheen voor het eerst, zonder 'Mene Tekel' in 1918. 'De Uitvreter' verscheen voor het eerst in 'De Gids' in 1911. De bundel bevat 176 bladzijdes, waarvan 'De Uitvreter' op bladzijde 7 t/m 45 staat. Het is een sociaal verhaal.
Het boek gaat voornamelijk over Japi. Japi is een vrij uitzonderlijk figuur. Hij is, naar eigen zeggen, niks en vindt dit wel prima. Hij leeft voornamelijk van het geld en de spullen van anderen, vandaar dat hij ook als de uitvreter bekend staat. Hij krijgt echter steeds meer moeite met deze levensstijl en het feit dat de wereld verder zal gaan zonder hem en dat hij daar niks van kan zien. Kijken doet hij namelijk graag, en hij is zeer opmerkzaam. Weinig dingen ontgaan hem, zelfs de locaties van specifieke bomen langs de spoorwegen. Hij reist steeds meer, en deze reizen duren steeds langer. Elke keer als hij terugkomt van een reis is hij er slechter aan toe: zijn kleding is vuiler en ouder, en hij lijkt eerst wat onbereikbaar. Hij krijgt later een baan, maar is ook hier ontevreden over. Uiteindelijk pleegt hij zelfmoord door van de Waalbrug af te springen.
De voornaamste reden dat ik dit boek gekozen heb, is omdat dit boek zo kort is. Niet zodat ik het snel uit zou hebben, maar omdat het idee van een verhaal dat als literatuur beschouwd wordt en toch zo kort is mij intrigeerde. Uiteraard verwachtte ik dat het boek over een persoon zou gaan die letterlijk een uitvreter is, iemand die andermans levensmiddelen gebruikt om van te leven. Ik had me niet zo'n voorstelling gemaakt van hoe dit zich zou manifesteren.
Een veel voorkomend motief in het verhaal is het geluk van Japi. Dit uit zich in meerdere dingen, zowel materieel als immaterieel. Materieel, bijvoorbeeld, in de kleding van Japi. Naarmate hij ongelukkiger wordt, begint hij steeds minder uit te vreten. Dit betekent dat hij alsmaar minder dingen van anderen meeneemt of steelt, dus wat hij heeft wordt steeds vuiler en ouder. Hoe ongelukkiger Japi is, hoe ouder en vuiler zijn kleren zijn. Ook neemt hij steeds minder sigaren naarmate hij ongelukkiger wordt. Dit omdat hij zich ook wat ziek voelt door zijn ongelukkigheid, en minder uitvreet tijdens zijn ongelukkigheid. Een immaterieel voorbeeld zijn de onderwerpen van Japi's verhalen. Tijdens zijn gelukkige periode vertelt hij vele sterke verhalen en zingt hij veel liedjes, gewoon omdat hij en anderen dat leuk vinden. Maar tijdens zijn ongelukkige periode verhaalt hij vooral psychologische overpeinzingen van zichzelf. Hoe, bijvoorbeeld, de wereld al heel lang bestaan heeft zonder hem en nog langer zal bestaan zonder hem. Dit vindt hij geen prettige gedachte. Hij vertelt ook hoe zijn levensstijl, van doen wat hij wil, niet werkt, omdat men in de huidige maatschappij geld nodig heeft om dingen te kunnen doen. Dit is ook eigenlijk het thema van het verhaal: men kan niets in de maatschappij zonder baan en geld. Dan wordt je vanzelf ongezond en ongelukkig, dus een (vaak saaie) baan moet je wel nemen.
Ik vond het boek leuk om te lezen. Het taalgebruik is erg volks, niet alleen door de woordkeuze, maar ook door de spelling van woorden, die vaak verkort is. In deze zin is dat bijvoorbeeld goed te zien: "Als i niet moest verkocht i niets; zijn beste werk zette-n-i weg, keek er niet meer naar om, altijd ontevreden". Ondanks dit taalgebruik, zit er vaak toch wel diepgang in het boek. Onder het gezegde is nog wel een tweede betekenis te vinden.
De woordkeuze geeft de personages ook gelijk meer karakter mee. Er is goed aan te zien dat ze simpele burgers zijn, niet van de hogere klasse. Ze verdienen niet zo veel, kunnen zich slechts weinig genotjes gunnen door hun schamele loon. Ze vinden dit weliswaar vervelend, maar slaan zich er door heen. Behalve Japi, die het leven door probeert te komen zonder iets te doen en hier zo ongelukkig van wordt dat hij zelfmoord pleegt.
Het verloop van de tijd in dit boek is ook wel interessant. Elk hoofdstuk beschrijft in eerste instantie een vrij korte tijd, vaak een paar uur. Tussen de hoofdstukken kunnen een paar dagen of weken zitten. Later zitten dit soort sprongen ook in de hoofdstukken zelf. Dit heeft voornamelijk te maken met hoe vaak men Japi ziet: hij is steeds vaker, steeds langer weg. Ook is er steeds minder zinnigs uit Japi te krijgen. Hierdoor wordt er in weinig bladzijden over een lange tijd verteld. Dit is goed aan te voelen, dus dit is goed uitgevoerd in het boek.
Helaas is voor mij de tabel niet te vinden geweest, dus beeld ik zo maar uit wat ik er van vind: als er een tabel was geweest, had de zwart gearceerde kolom vanaf rechts gezien ongeveer op een kwart van de lengte van de balk gestaan.
Het boek gaat voornamelijk over Japi. Japi is een vrij uitzonderlijk figuur. Hij is, naar eigen zeggen, niks en vindt dit wel prima. Hij leeft voornamelijk van het geld en de spullen van anderen, vandaar dat hij ook als de uitvreter bekend staat. Hij krijgt echter steeds meer moeite met deze levensstijl en het feit dat de wereld verder zal gaan zonder hem en dat hij daar niks van kan zien. Kijken doet hij namelijk graag, en hij is zeer opmerkzaam. Weinig dingen ontgaan hem, zelfs de locaties van specifieke bomen langs de spoorwegen. Hij reist steeds meer, en deze reizen duren steeds langer. Elke keer als hij terugkomt van een reis is hij er slechter aan toe: zijn kleding is vuiler en ouder, en hij lijkt eerst wat onbereikbaar. Hij krijgt later een baan, maar is ook hier ontevreden over. Uiteindelijk pleegt hij zelfmoord door van de Waalbrug af te springen.
De voornaamste reden dat ik dit boek gekozen heb, is omdat dit boek zo kort is. Niet zodat ik het snel uit zou hebben, maar omdat het idee van een verhaal dat als literatuur beschouwd wordt en toch zo kort is mij intrigeerde. Uiteraard verwachtte ik dat het boek over een persoon zou gaan die letterlijk een uitvreter is, iemand die andermans levensmiddelen gebruikt om van te leven. Ik had me niet zo'n voorstelling gemaakt van hoe dit zich zou manifesteren.
Een veel voorkomend motief in het verhaal is het geluk van Japi. Dit uit zich in meerdere dingen, zowel materieel als immaterieel. Materieel, bijvoorbeeld, in de kleding van Japi. Naarmate hij ongelukkiger wordt, begint hij steeds minder uit te vreten. Dit betekent dat hij alsmaar minder dingen van anderen meeneemt of steelt, dus wat hij heeft wordt steeds vuiler en ouder. Hoe ongelukkiger Japi is, hoe ouder en vuiler zijn kleren zijn. Ook neemt hij steeds minder sigaren naarmate hij ongelukkiger wordt. Dit omdat hij zich ook wat ziek voelt door zijn ongelukkigheid, en minder uitvreet tijdens zijn ongelukkigheid. Een immaterieel voorbeeld zijn de onderwerpen van Japi's verhalen. Tijdens zijn gelukkige periode vertelt hij vele sterke verhalen en zingt hij veel liedjes, gewoon omdat hij en anderen dat leuk vinden. Maar tijdens zijn ongelukkige periode verhaalt hij vooral psychologische overpeinzingen van zichzelf. Hoe, bijvoorbeeld, de wereld al heel lang bestaan heeft zonder hem en nog langer zal bestaan zonder hem. Dit vindt hij geen prettige gedachte. Hij vertelt ook hoe zijn levensstijl, van doen wat hij wil, niet werkt, omdat men in de huidige maatschappij geld nodig heeft om dingen te kunnen doen. Dit is ook eigenlijk het thema van het verhaal: men kan niets in de maatschappij zonder baan en geld. Dan wordt je vanzelf ongezond en ongelukkig, dus een (vaak saaie) baan moet je wel nemen.
Ik vond het boek leuk om te lezen. Het taalgebruik is erg volks, niet alleen door de woordkeuze, maar ook door de spelling van woorden, die vaak verkort is. In deze zin is dat bijvoorbeeld goed te zien: "Als i niet moest verkocht i niets; zijn beste werk zette-n-i weg, keek er niet meer naar om, altijd ontevreden". Ondanks dit taalgebruik, zit er vaak toch wel diepgang in het boek. Onder het gezegde is nog wel een tweede betekenis te vinden.
De woordkeuze geeft de personages ook gelijk meer karakter mee. Er is goed aan te zien dat ze simpele burgers zijn, niet van de hogere klasse. Ze verdienen niet zo veel, kunnen zich slechts weinig genotjes gunnen door hun schamele loon. Ze vinden dit weliswaar vervelend, maar slaan zich er door heen. Behalve Japi, die het leven door probeert te komen zonder iets te doen en hier zo ongelukkig van wordt dat hij zelfmoord pleegt.
Het verloop van de tijd in dit boek is ook wel interessant. Elk hoofdstuk beschrijft in eerste instantie een vrij korte tijd, vaak een paar uur. Tussen de hoofdstukken kunnen een paar dagen of weken zitten. Later zitten dit soort sprongen ook in de hoofdstukken zelf. Dit heeft voornamelijk te maken met hoe vaak men Japi ziet: hij is steeds vaker, steeds langer weg. Ook is er steeds minder zinnigs uit Japi te krijgen. Hierdoor wordt er in weinig bladzijden over een lange tijd verteld. Dit is goed aan te voelen, dus dit is goed uitgevoerd in het boek.
Helaas is voor mij de tabel niet te vinden geweest, dus beeld ik zo maar uit wat ik er van vind: als er een tabel was geweest, had de zwart gearceerde kolom vanaf rechts gezien ongeveer op een kwart van de lengte van de balk gestaan.
vrijdag 12 juni 2015
Kaasverslag
De titel van het door mij gelezen boek is Kaas, geschreven door Willem Elsschot. Uitgegeven door Wolters-Noordhoff in Groningen, gedrukt in 1995. Er is niet vermeld welke druk dit is, maar dit komt wellicht door het feit dat dit een Lijsterboek is. Het verhaal begint op pagina 5, en eindigt op pagina 85.
Het verhaal is een sociaal/politiek verhaal. Het gaat over Frans Laarmans die tot de middenstand in België behoort. Via een kennis van zijn broer krijgt hij de mogelijkheid om voor een kaashandelaar in Amsterdam de verkoop in België en Luxemburg op te starten. Ondanks dat hij niks van zaken en handel af weet, neemt hij dit voorstel aan en voelt hij zich geknipt voor deze baan. Naarmate hij langer in deze kaashandel zit, ontdekt hij wat een slecht idee het eigenlijk was. Hij krijgt maar niks verkocht, wordt per ongeluk benoemd tot voorzitter van de Vakbond van de Belgische Kaashandelaren, en na een paar weken geeft hij het op. Bovendien houdt hij eigenlijk helemaal niet van kaas.
Ik ben op dit boek gekomen, omdat ik het ooit tegenkwam op een markt en mijn moeder zei dat dit een leuk lijstboek is. Ik heb het dus bewaard voor de eerste de beste gelegenheid om zelf een boek te kunnen kiezen. Ik begreep ook dat het een grappig boek is, dus ik verwachtte er wel wat van.
Een van de motieven in dit boek is natuurlijk: kaas en de handel daarin. Deze staat voor alle soorten handel. Een ander motief is de oude baan van Laarmans: als klerk van de General Marine and Shipbuilding company. Hij stopt met deze baan om de kaashandel in te gaan. Echter, zodra zijn kaashandel is ingestort keert hij weer terug naar deze baan. Het thema van het verhaal is vrij duidelijk: je moet je bewust zijn van je kunnen. Frans neemt de mogelijkheid om hogerop te klimmen gelijken aan een gaat er maar van uit dat hij hier een meester in zal zijn. Anders hadden ze hem immers niet gevraagd. Maar naarmate het verhaal vordert en het met de kaas steeds slechter gaat, realiseert hij zich dat hij een grote fout heeft gemaakt. Eerst kwam hij met allerlei 'goede ideeën' voor zijn handel, maar na een tijdje begint hij ze zelf te veroordelen en krijgt hij spijt. Hij heeft immers zijn inkomen, en daarmee zijn goede leven en dat van zijn vrouw en kinderen op het spel gezet. Zijn gezin behandelde hij gedurende zijn korte periode als kaashandelaar ook nog als een stel sukkels: hij dacht toen natuurlijk nog dat hij een geweldige kaashandelaar was, en dat zij er geen barst vanaf wisten. Maar hij gaat hen meer waarderen en liefhebben zodra alles voorbij is, ook omdat ze hem er niet meer mee confronteren.
Ik vond dit boek erg leuk om te lezen. Ik zal eerst wat over de schrijfstijl zeggen. Het boek is erg makkelijk te lezen, omdat de zinnen en hoofdstukken vaak kort zijn en met duidelijk taalgebruik. Dit past natuurlijk bij een man uit de middenklasse. Een voorbeeld: hier vertelt Frans over het kantoor van ene meneer Henri, die bij zijn oude bedrijf werkt: "'binnen' is het privé-kantoor van mijnheer Henri, waar niemand anders komt dan Hamer en de hoofdingenieur. Als een gewone bediende er ontboden wordt, dan komt hij terug met een rode kop. Na een bezoek of drie wordt hij gewoonlijk ontslagen", pagina 38. Het hele boek is in deze stijl geschreven, dus dit is lekker simpel.
Dan is het boek ook nog grappig, zoals ik al had verwacht. De woordkeuze van Frans is regelmatig erg lachwekkend. Zo zegt hij op het kerkhof, zodra hij het graf van zijn ouders niet meer kan vinden en hij vreest zijn zusters tegen te komen: "Nu, als mij dat overkomt leg ik ze op de eerste de beste zerk en maak ik mij uit de voeten", pagina 83. Deze manier van praten klinkt mij erg grappig in de oren, en dit soort dingen vind ik leuk in een boek. Ook geeft Frans wanneer het hem maar uitkomt het voorvoegsel kaas- aan een woord. Kaasdroom, kaasfilm, kaastestament en kaaswond zijn maar vier van vele. Dit te pas en te onpas opduiken van het woord vond ik ook erg grappig.
Inhoudelijk vind ik het boek ook leuk. De boodschap van het boek is erg duidelijk: je moet je bewust zijn van je kunnen. Dit is te danken aan de schrijfstijl die, zoals ik al zei, erg eenvoudig en rechttoe rechtaan is.
Een ander prettig gevolg van het simpele taalgebruik, is dat een groot deel van de inhoud ook daadwerkelijk relevant is voor het verhaal. Geen ellenlange beschrijvingen en dergelijke, maar alleen dat wat nodig is.
Kortom: kaas is een leuk boek, dat een aanrader is voor iedereen die zoekt naar een kort, simpel verhaal met wat humor erin.
Het verhaal is een sociaal/politiek verhaal. Het gaat over Frans Laarmans die tot de middenstand in België behoort. Via een kennis van zijn broer krijgt hij de mogelijkheid om voor een kaashandelaar in Amsterdam de verkoop in België en Luxemburg op te starten. Ondanks dat hij niks van zaken en handel af weet, neemt hij dit voorstel aan en voelt hij zich geknipt voor deze baan. Naarmate hij langer in deze kaashandel zit, ontdekt hij wat een slecht idee het eigenlijk was. Hij krijgt maar niks verkocht, wordt per ongeluk benoemd tot voorzitter van de Vakbond van de Belgische Kaashandelaren, en na een paar weken geeft hij het op. Bovendien houdt hij eigenlijk helemaal niet van kaas.
Ik ben op dit boek gekomen, omdat ik het ooit tegenkwam op een markt en mijn moeder zei dat dit een leuk lijstboek is. Ik heb het dus bewaard voor de eerste de beste gelegenheid om zelf een boek te kunnen kiezen. Ik begreep ook dat het een grappig boek is, dus ik verwachtte er wel wat van.
Een van de motieven in dit boek is natuurlijk: kaas en de handel daarin. Deze staat voor alle soorten handel. Een ander motief is de oude baan van Laarmans: als klerk van de General Marine and Shipbuilding company. Hij stopt met deze baan om de kaashandel in te gaan. Echter, zodra zijn kaashandel is ingestort keert hij weer terug naar deze baan. Het thema van het verhaal is vrij duidelijk: je moet je bewust zijn van je kunnen. Frans neemt de mogelijkheid om hogerop te klimmen gelijken aan een gaat er maar van uit dat hij hier een meester in zal zijn. Anders hadden ze hem immers niet gevraagd. Maar naarmate het verhaal vordert en het met de kaas steeds slechter gaat, realiseert hij zich dat hij een grote fout heeft gemaakt. Eerst kwam hij met allerlei 'goede ideeën' voor zijn handel, maar na een tijdje begint hij ze zelf te veroordelen en krijgt hij spijt. Hij heeft immers zijn inkomen, en daarmee zijn goede leven en dat van zijn vrouw en kinderen op het spel gezet. Zijn gezin behandelde hij gedurende zijn korte periode als kaashandelaar ook nog als een stel sukkels: hij dacht toen natuurlijk nog dat hij een geweldige kaashandelaar was, en dat zij er geen barst vanaf wisten. Maar hij gaat hen meer waarderen en liefhebben zodra alles voorbij is, ook omdat ze hem er niet meer mee confronteren.
Ik vond dit boek erg leuk om te lezen. Ik zal eerst wat over de schrijfstijl zeggen. Het boek is erg makkelijk te lezen, omdat de zinnen en hoofdstukken vaak kort zijn en met duidelijk taalgebruik. Dit past natuurlijk bij een man uit de middenklasse. Een voorbeeld: hier vertelt Frans over het kantoor van ene meneer Henri, die bij zijn oude bedrijf werkt: "'binnen' is het privé-kantoor van mijnheer Henri, waar niemand anders komt dan Hamer en de hoofdingenieur. Als een gewone bediende er ontboden wordt, dan komt hij terug met een rode kop. Na een bezoek of drie wordt hij gewoonlijk ontslagen", pagina 38. Het hele boek is in deze stijl geschreven, dus dit is lekker simpel.
Dan is het boek ook nog grappig, zoals ik al had verwacht. De woordkeuze van Frans is regelmatig erg lachwekkend. Zo zegt hij op het kerkhof, zodra hij het graf van zijn ouders niet meer kan vinden en hij vreest zijn zusters tegen te komen: "Nu, als mij dat overkomt leg ik ze op de eerste de beste zerk en maak ik mij uit de voeten", pagina 83. Deze manier van praten klinkt mij erg grappig in de oren, en dit soort dingen vind ik leuk in een boek. Ook geeft Frans wanneer het hem maar uitkomt het voorvoegsel kaas- aan een woord. Kaasdroom, kaasfilm, kaastestament en kaaswond zijn maar vier van vele. Dit te pas en te onpas opduiken van het woord vond ik ook erg grappig.
Inhoudelijk vind ik het boek ook leuk. De boodschap van het boek is erg duidelijk: je moet je bewust zijn van je kunnen. Dit is te danken aan de schrijfstijl die, zoals ik al zei, erg eenvoudig en rechttoe rechtaan is.
Een ander prettig gevolg van het simpele taalgebruik, is dat een groot deel van de inhoud ook daadwerkelijk relevant is voor het verhaal. Geen ellenlange beschrijvingen en dergelijke, maar alleen dat wat nodig is.
Kortom: kaas is een leuk boek, dat een aanrader is voor iedereen die zoekt naar een kort, simpel verhaal met wat humor erin.
donderdag 4 juni 2015
Verwerkingsopdracht Romantiek
Voor deze opdracht ga ik voor 3 periodes uit de kunstgeschiedenis een muziekstuk uitzoeken, dat voor die periode typerend is. Deze 3 periode's zijn: de Barok, de Klassiek en de Romantiek. Ik zal deze drie stijlen in chronologische volgorde nalopen.
Johann Sebastian Bach, BWV 565: https://www.youtube.com/watch?v=ho9rZjlsyYY
Dit stuk is Barok, omdat het stuk heel uitbundig is. Er komen heel veel verschillende thema's en melodieën in voor, en door het enorme bereik van een orgel klinkt het stuk ook heel machtig. Dit waren beide kenmerken van barokkunst: een overdaad aan pracht en praal met veel uitbundigheid, met als effect om de kijker/luisteraar te overdonderen. De uitbundigheid is duidelijk te horen, aangezien er erg veel snel spel aanwezig is, het heel veel laag heeft en het stuk duidelijk op een groot volume gespeeld is. En dat het effect overdonderend is, is ook zeker te zeggen: als dit stuk op groot volume wordt afgespeeld of, beter nog, bijgewoond, voel je je helemaal overweldigd door de grootsheid van het stuk. Ikzelf hoop ooit nog eens een uitvoering van dit stuk bij te wonen.
Ludwig van Beethoven: Piano Sonata No. 14 (Moonlight Sonata): https://www.youtube.com/watch?v=4Tr0otuiQuU
Dit stuk is klassiek omdat:
- Er een duidelijk streven naar orde en rust is. Dit was een van de kenmerken van een Klassiek stuk. Het stuk bestaat uit 3 delen, elk stuk wordt iets sneller en intenser. Elk deel is gebaseerd op een of een paar bepaalde melodieën, die steeds terugkomen en heel geleidelijk veranderen. Dit pas goed bij de kenmerken van Klassieke muziek: logische ordening van muzikale motieven en melodieën, herhaling, en variatie en contrast. Deze zien we allemaal terug: logische ordening is aanwezig, want de stukken zijn van traag naar snel geordend. Bovendien wordt elk stuk iets levendiger en opzwepender, wat ook in een logische volgorde gaat. Ook symmetrie is terug te vinden: het eerste stuk is in een gewone 4/4 maatsoort geschreven, het tweede stuk in een 6/8, en het derde weer in een 4/4. Dit is symetrisch geordend. Herhaling is in elk deel veel te vinden: dezelfde muzikale thema's worden steeds gespeeld, maar dan telkens in een iets andere toonsoort of volgorde. Tenslotte zijn variatie en contrast ook duidelijk te vinden. Elk deel heeft een heel ander gevoel: het eerste deel klinkt erg droevig en is traag, het tweede deel is wat vrolijker en heeft een matig tempo, en het derde deel klinkt erg gehaast en dramatisch en is erg snel gespeeld. Zo zijn de contrasten per deel erg groot.
Johannes Brahms: Hongaarse dans No. 5: https://www.youtube.com/watch?v=3X9LvC9WkkQ
Dit is Romantisch, omdat:
- Dit stuk een nationalistisch karakter. Johannes Brahms kwam uit Oostenrijk, wat toentertijd nog Oostenrijk-Hongarije was. Brahms heeft dus een aantal liederen uit zijn land genomen, die hij heeft omgeschreven tot piano- of orkeststukken. Dit is een van de kenmerken van de Romantiek: het inspelen van nationalisme op de stroming. De Romantiek was een stroming met escapistische trekken. Dit hield in dat men het toen helemaal niet zo leuk vond in de wereld en daarom maar las en in dit geval luisterde over andere oorden, fantasiewerelden en het eigen verleden. Omdat de landshistorie dus wat in het licht kwam te staan, had de Romantiek ook een beetje een nationalistisch uiterlijk. Dit is hier natuurlijk mooi te zien.
- Hiermee is mooi voort te bouwen op de volgende reden: dit stuk laat de Romantische hunker naar andere oorden zien. De Hongaarse dansen zijn (gebaseerd op) Hongaarse volksdansen en -liederen. Voor mensen uit andere landen was dit natuurlijk een mooi stuk om zich tijdelijk in een ander land met andere cultuur te wanen. Wat dat betreft zijn ze uitermate geschikt voor de Romanticus om naar te luisteren. Zo kon hij/zij immers ontsnappen aan de eigen samenleving, wat typisch Romantisch is. Dit heeft wellicht ook bijgedragen aan het succes van het stuk: de Hongaarse dansen, en met name deze No. 5, behoren tot Brahms' bekendste werken.
Johann Sebastian Bach, BWV 565: https://www.youtube.com/watch?v=ho9rZjlsyYY
Dit stuk is Barok, omdat het stuk heel uitbundig is. Er komen heel veel verschillende thema's en melodieën in voor, en door het enorme bereik van een orgel klinkt het stuk ook heel machtig. Dit waren beide kenmerken van barokkunst: een overdaad aan pracht en praal met veel uitbundigheid, met als effect om de kijker/luisteraar te overdonderen. De uitbundigheid is duidelijk te horen, aangezien er erg veel snel spel aanwezig is, het heel veel laag heeft en het stuk duidelijk op een groot volume gespeeld is. En dat het effect overdonderend is, is ook zeker te zeggen: als dit stuk op groot volume wordt afgespeeld of, beter nog, bijgewoond, voel je je helemaal overweldigd door de grootsheid van het stuk. Ikzelf hoop ooit nog eens een uitvoering van dit stuk bij te wonen.
Ludwig van Beethoven: Piano Sonata No. 14 (Moonlight Sonata): https://www.youtube.com/watch?v=4Tr0otuiQuU
Dit stuk is klassiek omdat:
- Er een duidelijk streven naar orde en rust is. Dit was een van de kenmerken van een Klassiek stuk. Het stuk bestaat uit 3 delen, elk stuk wordt iets sneller en intenser. Elk deel is gebaseerd op een of een paar bepaalde melodieën, die steeds terugkomen en heel geleidelijk veranderen. Dit pas goed bij de kenmerken van Klassieke muziek: logische ordening van muzikale motieven en melodieën, herhaling, en variatie en contrast. Deze zien we allemaal terug: logische ordening is aanwezig, want de stukken zijn van traag naar snel geordend. Bovendien wordt elk stuk iets levendiger en opzwepender, wat ook in een logische volgorde gaat. Ook symmetrie is terug te vinden: het eerste stuk is in een gewone 4/4 maatsoort geschreven, het tweede stuk in een 6/8, en het derde weer in een 4/4. Dit is symetrisch geordend. Herhaling is in elk deel veel te vinden: dezelfde muzikale thema's worden steeds gespeeld, maar dan telkens in een iets andere toonsoort of volgorde. Tenslotte zijn variatie en contrast ook duidelijk te vinden. Elk deel heeft een heel ander gevoel: het eerste deel klinkt erg droevig en is traag, het tweede deel is wat vrolijker en heeft een matig tempo, en het derde deel klinkt erg gehaast en dramatisch en is erg snel gespeeld. Zo zijn de contrasten per deel erg groot.
Dit is Romantisch, omdat:
- Dit stuk een nationalistisch karakter. Johannes Brahms kwam uit Oostenrijk, wat toentertijd nog Oostenrijk-Hongarije was. Brahms heeft dus een aantal liederen uit zijn land genomen, die hij heeft omgeschreven tot piano- of orkeststukken. Dit is een van de kenmerken van de Romantiek: het inspelen van nationalisme op de stroming. De Romantiek was een stroming met escapistische trekken. Dit hield in dat men het toen helemaal niet zo leuk vond in de wereld en daarom maar las en in dit geval luisterde over andere oorden, fantasiewerelden en het eigen verleden. Omdat de landshistorie dus wat in het licht kwam te staan, had de Romantiek ook een beetje een nationalistisch uiterlijk. Dit is hier natuurlijk mooi te zien.
- Hiermee is mooi voort te bouwen op de volgende reden: dit stuk laat de Romantische hunker naar andere oorden zien. De Hongaarse dansen zijn (gebaseerd op) Hongaarse volksdansen en -liederen. Voor mensen uit andere landen was dit natuurlijk een mooi stuk om zich tijdelijk in een ander land met andere cultuur te wanen. Wat dat betreft zijn ze uitermate geschikt voor de Romanticus om naar te luisteren. Zo kon hij/zij immers ontsnappen aan de eigen samenleving, wat typisch Romantisch is. Dit heeft wellicht ook bijgedragen aan het succes van het stuk: de Hongaarse dansen, en met name deze No. 5, behoren tot Brahms' bekendste werken.
Abonneren op:
Reacties (Atom)