Het door mij gekozen verhaal heet 'De Uitvreter', geschreven door Nescio. Dit verhaal is onderdeel van een bundel, die ook de verhalen 'Titaantjes', 'Dichtertje', en 'Mene Tekel' bevat. Deze bundel is uitgegeven door 'Nijgh & Van Ditmar', Amsterdam, in 2012, 40ste druk. Deze bundel verscheen voor het eerst, zonder 'Mene Tekel' in 1918. 'De Uitvreter' verscheen voor het eerst in 'De Gids' in 1911. De bundel bevat 176 bladzijdes, waarvan 'De Uitvreter' op bladzijde 7 t/m 45 staat. Het is een sociaal verhaal.
Het boek gaat voornamelijk over Japi. Japi is een vrij uitzonderlijk figuur. Hij is, naar eigen zeggen, niks en vindt dit wel prima. Hij leeft voornamelijk van het geld en de spullen van anderen, vandaar dat hij ook als de uitvreter bekend staat. Hij krijgt echter steeds meer moeite met deze levensstijl en het feit dat de wereld verder zal gaan zonder hem en dat hij daar niks van kan zien. Kijken doet hij namelijk graag, en hij is zeer opmerkzaam. Weinig dingen ontgaan hem, zelfs de locaties van specifieke bomen langs de spoorwegen. Hij reist steeds meer, en deze reizen duren steeds langer. Elke keer als hij terugkomt van een reis is hij er slechter aan toe: zijn kleding is vuiler en ouder, en hij lijkt eerst wat onbereikbaar. Hij krijgt later een baan, maar is ook hier ontevreden over. Uiteindelijk pleegt hij zelfmoord door van de Waalbrug af te springen.
De voornaamste reden dat ik dit boek gekozen heb, is omdat dit boek zo kort is. Niet zodat ik het snel uit zou hebben, maar omdat het idee van een verhaal dat als literatuur beschouwd wordt en toch zo kort is mij intrigeerde. Uiteraard verwachtte ik dat het boek over een persoon zou gaan die letterlijk een uitvreter is, iemand die andermans levensmiddelen gebruikt om van te leven. Ik had me niet zo'n voorstelling gemaakt van hoe dit zich zou manifesteren.
Een veel voorkomend motief in het verhaal is het geluk van Japi. Dit uit zich in meerdere dingen, zowel materieel als immaterieel. Materieel, bijvoorbeeld, in de kleding van Japi. Naarmate hij ongelukkiger wordt, begint hij steeds minder uit te vreten. Dit betekent dat hij alsmaar minder dingen van anderen meeneemt of steelt, dus wat hij heeft wordt steeds vuiler en ouder. Hoe ongelukkiger Japi is, hoe ouder en vuiler zijn kleren zijn. Ook neemt hij steeds minder sigaren naarmate hij ongelukkiger wordt. Dit omdat hij zich ook wat ziek voelt door zijn ongelukkigheid, en minder uitvreet tijdens zijn ongelukkigheid. Een immaterieel voorbeeld zijn de onderwerpen van Japi's verhalen. Tijdens zijn gelukkige periode vertelt hij vele sterke verhalen en zingt hij veel liedjes, gewoon omdat hij en anderen dat leuk vinden. Maar tijdens zijn ongelukkige periode verhaalt hij vooral psychologische overpeinzingen van zichzelf. Hoe, bijvoorbeeld, de wereld al heel lang bestaan heeft zonder hem en nog langer zal bestaan zonder hem. Dit vindt hij geen prettige gedachte. Hij vertelt ook hoe zijn levensstijl, van doen wat hij wil, niet werkt, omdat men in de huidige maatschappij geld nodig heeft om dingen te kunnen doen. Dit is ook eigenlijk het thema van het verhaal: men kan niets in de maatschappij zonder baan en geld. Dan wordt je vanzelf ongezond en ongelukkig, dus een (vaak saaie) baan moet je wel nemen.
Ik vond het boek leuk om te lezen. Het taalgebruik is erg volks, niet alleen door de woordkeuze, maar ook door de spelling van woorden, die vaak verkort is. In deze zin is dat bijvoorbeeld goed te zien: "Als i niet moest verkocht i niets; zijn beste werk zette-n-i weg, keek er niet meer naar om, altijd ontevreden". Ondanks dit taalgebruik, zit er vaak toch wel diepgang in het boek. Onder het gezegde is nog wel een tweede betekenis te vinden.
De woordkeuze geeft de personages ook gelijk meer karakter mee. Er is goed aan te zien dat ze simpele burgers zijn, niet van de hogere klasse. Ze verdienen niet zo veel, kunnen zich slechts weinig genotjes gunnen door hun schamele loon. Ze vinden dit weliswaar vervelend, maar slaan zich er door heen. Behalve Japi, die het leven door probeert te komen zonder iets te doen en hier zo ongelukkig van wordt dat hij zelfmoord pleegt.
Het verloop van de tijd in dit boek is ook wel interessant. Elk hoofdstuk beschrijft in eerste instantie een vrij korte tijd, vaak een paar uur. Tussen de hoofdstukken kunnen een paar dagen of weken zitten. Later zitten dit soort sprongen ook in de hoofdstukken zelf. Dit heeft voornamelijk te maken met hoe vaak men Japi ziet: hij is steeds vaker, steeds langer weg. Ook is er steeds minder zinnigs uit Japi te krijgen. Hierdoor wordt er in weinig bladzijden over een lange tijd verteld. Dit is goed aan te voelen, dus dit is goed uitgevoerd in het boek.
Helaas is voor mij de tabel niet te vinden geweest, dus beeld ik zo maar uit wat ik er van vind: als er een tabel was geweest, had de zwart gearceerde kolom vanaf rechts gezien ongeveer op een kwart van de lengte van de balk gestaan.
zondag 29 november 2015
vrijdag 12 juni 2015
Kaasverslag
De titel van het door mij gelezen boek is Kaas, geschreven door Willem Elsschot. Uitgegeven door Wolters-Noordhoff in Groningen, gedrukt in 1995. Er is niet vermeld welke druk dit is, maar dit komt wellicht door het feit dat dit een Lijsterboek is. Het verhaal begint op pagina 5, en eindigt op pagina 85.
Het verhaal is een sociaal/politiek verhaal. Het gaat over Frans Laarmans die tot de middenstand in België behoort. Via een kennis van zijn broer krijgt hij de mogelijkheid om voor een kaashandelaar in Amsterdam de verkoop in België en Luxemburg op te starten. Ondanks dat hij niks van zaken en handel af weet, neemt hij dit voorstel aan en voelt hij zich geknipt voor deze baan. Naarmate hij langer in deze kaashandel zit, ontdekt hij wat een slecht idee het eigenlijk was. Hij krijgt maar niks verkocht, wordt per ongeluk benoemd tot voorzitter van de Vakbond van de Belgische Kaashandelaren, en na een paar weken geeft hij het op. Bovendien houdt hij eigenlijk helemaal niet van kaas.
Ik ben op dit boek gekomen, omdat ik het ooit tegenkwam op een markt en mijn moeder zei dat dit een leuk lijstboek is. Ik heb het dus bewaard voor de eerste de beste gelegenheid om zelf een boek te kunnen kiezen. Ik begreep ook dat het een grappig boek is, dus ik verwachtte er wel wat van.
Een van de motieven in dit boek is natuurlijk: kaas en de handel daarin. Deze staat voor alle soorten handel. Een ander motief is de oude baan van Laarmans: als klerk van de General Marine and Shipbuilding company. Hij stopt met deze baan om de kaashandel in te gaan. Echter, zodra zijn kaashandel is ingestort keert hij weer terug naar deze baan. Het thema van het verhaal is vrij duidelijk: je moet je bewust zijn van je kunnen. Frans neemt de mogelijkheid om hogerop te klimmen gelijken aan een gaat er maar van uit dat hij hier een meester in zal zijn. Anders hadden ze hem immers niet gevraagd. Maar naarmate het verhaal vordert en het met de kaas steeds slechter gaat, realiseert hij zich dat hij een grote fout heeft gemaakt. Eerst kwam hij met allerlei 'goede ideeën' voor zijn handel, maar na een tijdje begint hij ze zelf te veroordelen en krijgt hij spijt. Hij heeft immers zijn inkomen, en daarmee zijn goede leven en dat van zijn vrouw en kinderen op het spel gezet. Zijn gezin behandelde hij gedurende zijn korte periode als kaashandelaar ook nog als een stel sukkels: hij dacht toen natuurlijk nog dat hij een geweldige kaashandelaar was, en dat zij er geen barst vanaf wisten. Maar hij gaat hen meer waarderen en liefhebben zodra alles voorbij is, ook omdat ze hem er niet meer mee confronteren.
Ik vond dit boek erg leuk om te lezen. Ik zal eerst wat over de schrijfstijl zeggen. Het boek is erg makkelijk te lezen, omdat de zinnen en hoofdstukken vaak kort zijn en met duidelijk taalgebruik. Dit past natuurlijk bij een man uit de middenklasse. Een voorbeeld: hier vertelt Frans over het kantoor van ene meneer Henri, die bij zijn oude bedrijf werkt: "'binnen' is het privé-kantoor van mijnheer Henri, waar niemand anders komt dan Hamer en de hoofdingenieur. Als een gewone bediende er ontboden wordt, dan komt hij terug met een rode kop. Na een bezoek of drie wordt hij gewoonlijk ontslagen", pagina 38. Het hele boek is in deze stijl geschreven, dus dit is lekker simpel.
Dan is het boek ook nog grappig, zoals ik al had verwacht. De woordkeuze van Frans is regelmatig erg lachwekkend. Zo zegt hij op het kerkhof, zodra hij het graf van zijn ouders niet meer kan vinden en hij vreest zijn zusters tegen te komen: "Nu, als mij dat overkomt leg ik ze op de eerste de beste zerk en maak ik mij uit de voeten", pagina 83. Deze manier van praten klinkt mij erg grappig in de oren, en dit soort dingen vind ik leuk in een boek. Ook geeft Frans wanneer het hem maar uitkomt het voorvoegsel kaas- aan een woord. Kaasdroom, kaasfilm, kaastestament en kaaswond zijn maar vier van vele. Dit te pas en te onpas opduiken van het woord vond ik ook erg grappig.
Inhoudelijk vind ik het boek ook leuk. De boodschap van het boek is erg duidelijk: je moet je bewust zijn van je kunnen. Dit is te danken aan de schrijfstijl die, zoals ik al zei, erg eenvoudig en rechttoe rechtaan is.
Een ander prettig gevolg van het simpele taalgebruik, is dat een groot deel van de inhoud ook daadwerkelijk relevant is voor het verhaal. Geen ellenlange beschrijvingen en dergelijke, maar alleen dat wat nodig is.
Kortom: kaas is een leuk boek, dat een aanrader is voor iedereen die zoekt naar een kort, simpel verhaal met wat humor erin.
Het verhaal is een sociaal/politiek verhaal. Het gaat over Frans Laarmans die tot de middenstand in België behoort. Via een kennis van zijn broer krijgt hij de mogelijkheid om voor een kaashandelaar in Amsterdam de verkoop in België en Luxemburg op te starten. Ondanks dat hij niks van zaken en handel af weet, neemt hij dit voorstel aan en voelt hij zich geknipt voor deze baan. Naarmate hij langer in deze kaashandel zit, ontdekt hij wat een slecht idee het eigenlijk was. Hij krijgt maar niks verkocht, wordt per ongeluk benoemd tot voorzitter van de Vakbond van de Belgische Kaashandelaren, en na een paar weken geeft hij het op. Bovendien houdt hij eigenlijk helemaal niet van kaas.
Ik ben op dit boek gekomen, omdat ik het ooit tegenkwam op een markt en mijn moeder zei dat dit een leuk lijstboek is. Ik heb het dus bewaard voor de eerste de beste gelegenheid om zelf een boek te kunnen kiezen. Ik begreep ook dat het een grappig boek is, dus ik verwachtte er wel wat van.
Een van de motieven in dit boek is natuurlijk: kaas en de handel daarin. Deze staat voor alle soorten handel. Een ander motief is de oude baan van Laarmans: als klerk van de General Marine and Shipbuilding company. Hij stopt met deze baan om de kaashandel in te gaan. Echter, zodra zijn kaashandel is ingestort keert hij weer terug naar deze baan. Het thema van het verhaal is vrij duidelijk: je moet je bewust zijn van je kunnen. Frans neemt de mogelijkheid om hogerop te klimmen gelijken aan een gaat er maar van uit dat hij hier een meester in zal zijn. Anders hadden ze hem immers niet gevraagd. Maar naarmate het verhaal vordert en het met de kaas steeds slechter gaat, realiseert hij zich dat hij een grote fout heeft gemaakt. Eerst kwam hij met allerlei 'goede ideeën' voor zijn handel, maar na een tijdje begint hij ze zelf te veroordelen en krijgt hij spijt. Hij heeft immers zijn inkomen, en daarmee zijn goede leven en dat van zijn vrouw en kinderen op het spel gezet. Zijn gezin behandelde hij gedurende zijn korte periode als kaashandelaar ook nog als een stel sukkels: hij dacht toen natuurlijk nog dat hij een geweldige kaashandelaar was, en dat zij er geen barst vanaf wisten. Maar hij gaat hen meer waarderen en liefhebben zodra alles voorbij is, ook omdat ze hem er niet meer mee confronteren.
Ik vond dit boek erg leuk om te lezen. Ik zal eerst wat over de schrijfstijl zeggen. Het boek is erg makkelijk te lezen, omdat de zinnen en hoofdstukken vaak kort zijn en met duidelijk taalgebruik. Dit past natuurlijk bij een man uit de middenklasse. Een voorbeeld: hier vertelt Frans over het kantoor van ene meneer Henri, die bij zijn oude bedrijf werkt: "'binnen' is het privé-kantoor van mijnheer Henri, waar niemand anders komt dan Hamer en de hoofdingenieur. Als een gewone bediende er ontboden wordt, dan komt hij terug met een rode kop. Na een bezoek of drie wordt hij gewoonlijk ontslagen", pagina 38. Het hele boek is in deze stijl geschreven, dus dit is lekker simpel.
Dan is het boek ook nog grappig, zoals ik al had verwacht. De woordkeuze van Frans is regelmatig erg lachwekkend. Zo zegt hij op het kerkhof, zodra hij het graf van zijn ouders niet meer kan vinden en hij vreest zijn zusters tegen te komen: "Nu, als mij dat overkomt leg ik ze op de eerste de beste zerk en maak ik mij uit de voeten", pagina 83. Deze manier van praten klinkt mij erg grappig in de oren, en dit soort dingen vind ik leuk in een boek. Ook geeft Frans wanneer het hem maar uitkomt het voorvoegsel kaas- aan een woord. Kaasdroom, kaasfilm, kaastestament en kaaswond zijn maar vier van vele. Dit te pas en te onpas opduiken van het woord vond ik ook erg grappig.
Inhoudelijk vind ik het boek ook leuk. De boodschap van het boek is erg duidelijk: je moet je bewust zijn van je kunnen. Dit is te danken aan de schrijfstijl die, zoals ik al zei, erg eenvoudig en rechttoe rechtaan is.
Een ander prettig gevolg van het simpele taalgebruik, is dat een groot deel van de inhoud ook daadwerkelijk relevant is voor het verhaal. Geen ellenlange beschrijvingen en dergelijke, maar alleen dat wat nodig is.
Kortom: kaas is een leuk boek, dat een aanrader is voor iedereen die zoekt naar een kort, simpel verhaal met wat humor erin.
donderdag 4 juni 2015
Verwerkingsopdracht Romantiek
Voor deze opdracht ga ik voor 3 periodes uit de kunstgeschiedenis een muziekstuk uitzoeken, dat voor die periode typerend is. Deze 3 periode's zijn: de Barok, de Klassiek en de Romantiek. Ik zal deze drie stijlen in chronologische volgorde nalopen.
Johann Sebastian Bach, BWV 565: https://www.youtube.com/watch?v=ho9rZjlsyYY
Dit stuk is Barok, omdat het stuk heel uitbundig is. Er komen heel veel verschillende thema's en melodieën in voor, en door het enorme bereik van een orgel klinkt het stuk ook heel machtig. Dit waren beide kenmerken van barokkunst: een overdaad aan pracht en praal met veel uitbundigheid, met als effect om de kijker/luisteraar te overdonderen. De uitbundigheid is duidelijk te horen, aangezien er erg veel snel spel aanwezig is, het heel veel laag heeft en het stuk duidelijk op een groot volume gespeeld is. En dat het effect overdonderend is, is ook zeker te zeggen: als dit stuk op groot volume wordt afgespeeld of, beter nog, bijgewoond, voel je je helemaal overweldigd door de grootsheid van het stuk. Ikzelf hoop ooit nog eens een uitvoering van dit stuk bij te wonen.
Ludwig van Beethoven: Piano Sonata No. 14 (Moonlight Sonata): https://www.youtube.com/watch?v=4Tr0otuiQuU
Dit stuk is klassiek omdat:
- Er een duidelijk streven naar orde en rust is. Dit was een van de kenmerken van een Klassiek stuk. Het stuk bestaat uit 3 delen, elk stuk wordt iets sneller en intenser. Elk deel is gebaseerd op een of een paar bepaalde melodieën, die steeds terugkomen en heel geleidelijk veranderen. Dit pas goed bij de kenmerken van Klassieke muziek: logische ordening van muzikale motieven en melodieën, herhaling, en variatie en contrast. Deze zien we allemaal terug: logische ordening is aanwezig, want de stukken zijn van traag naar snel geordend. Bovendien wordt elk stuk iets levendiger en opzwepender, wat ook in een logische volgorde gaat. Ook symmetrie is terug te vinden: het eerste stuk is in een gewone 4/4 maatsoort geschreven, het tweede stuk in een 6/8, en het derde weer in een 4/4. Dit is symetrisch geordend. Herhaling is in elk deel veel te vinden: dezelfde muzikale thema's worden steeds gespeeld, maar dan telkens in een iets andere toonsoort of volgorde. Tenslotte zijn variatie en contrast ook duidelijk te vinden. Elk deel heeft een heel ander gevoel: het eerste deel klinkt erg droevig en is traag, het tweede deel is wat vrolijker en heeft een matig tempo, en het derde deel klinkt erg gehaast en dramatisch en is erg snel gespeeld. Zo zijn de contrasten per deel erg groot.
Johannes Brahms: Hongaarse dans No. 5: https://www.youtube.com/watch?v=3X9LvC9WkkQ
Dit is Romantisch, omdat:
- Dit stuk een nationalistisch karakter. Johannes Brahms kwam uit Oostenrijk, wat toentertijd nog Oostenrijk-Hongarije was. Brahms heeft dus een aantal liederen uit zijn land genomen, die hij heeft omgeschreven tot piano- of orkeststukken. Dit is een van de kenmerken van de Romantiek: het inspelen van nationalisme op de stroming. De Romantiek was een stroming met escapistische trekken. Dit hield in dat men het toen helemaal niet zo leuk vond in de wereld en daarom maar las en in dit geval luisterde over andere oorden, fantasiewerelden en het eigen verleden. Omdat de landshistorie dus wat in het licht kwam te staan, had de Romantiek ook een beetje een nationalistisch uiterlijk. Dit is hier natuurlijk mooi te zien.
- Hiermee is mooi voort te bouwen op de volgende reden: dit stuk laat de Romantische hunker naar andere oorden zien. De Hongaarse dansen zijn (gebaseerd op) Hongaarse volksdansen en -liederen. Voor mensen uit andere landen was dit natuurlijk een mooi stuk om zich tijdelijk in een ander land met andere cultuur te wanen. Wat dat betreft zijn ze uitermate geschikt voor de Romanticus om naar te luisteren. Zo kon hij/zij immers ontsnappen aan de eigen samenleving, wat typisch Romantisch is. Dit heeft wellicht ook bijgedragen aan het succes van het stuk: de Hongaarse dansen, en met name deze No. 5, behoren tot Brahms' bekendste werken.
Johann Sebastian Bach, BWV 565: https://www.youtube.com/watch?v=ho9rZjlsyYY
Dit stuk is Barok, omdat het stuk heel uitbundig is. Er komen heel veel verschillende thema's en melodieën in voor, en door het enorme bereik van een orgel klinkt het stuk ook heel machtig. Dit waren beide kenmerken van barokkunst: een overdaad aan pracht en praal met veel uitbundigheid, met als effect om de kijker/luisteraar te overdonderen. De uitbundigheid is duidelijk te horen, aangezien er erg veel snel spel aanwezig is, het heel veel laag heeft en het stuk duidelijk op een groot volume gespeeld is. En dat het effect overdonderend is, is ook zeker te zeggen: als dit stuk op groot volume wordt afgespeeld of, beter nog, bijgewoond, voel je je helemaal overweldigd door de grootsheid van het stuk. Ikzelf hoop ooit nog eens een uitvoering van dit stuk bij te wonen.
Ludwig van Beethoven: Piano Sonata No. 14 (Moonlight Sonata): https://www.youtube.com/watch?v=4Tr0otuiQuU
Dit stuk is klassiek omdat:
- Er een duidelijk streven naar orde en rust is. Dit was een van de kenmerken van een Klassiek stuk. Het stuk bestaat uit 3 delen, elk stuk wordt iets sneller en intenser. Elk deel is gebaseerd op een of een paar bepaalde melodieën, die steeds terugkomen en heel geleidelijk veranderen. Dit pas goed bij de kenmerken van Klassieke muziek: logische ordening van muzikale motieven en melodieën, herhaling, en variatie en contrast. Deze zien we allemaal terug: logische ordening is aanwezig, want de stukken zijn van traag naar snel geordend. Bovendien wordt elk stuk iets levendiger en opzwepender, wat ook in een logische volgorde gaat. Ook symmetrie is terug te vinden: het eerste stuk is in een gewone 4/4 maatsoort geschreven, het tweede stuk in een 6/8, en het derde weer in een 4/4. Dit is symetrisch geordend. Herhaling is in elk deel veel te vinden: dezelfde muzikale thema's worden steeds gespeeld, maar dan telkens in een iets andere toonsoort of volgorde. Tenslotte zijn variatie en contrast ook duidelijk te vinden. Elk deel heeft een heel ander gevoel: het eerste deel klinkt erg droevig en is traag, het tweede deel is wat vrolijker en heeft een matig tempo, en het derde deel klinkt erg gehaast en dramatisch en is erg snel gespeeld. Zo zijn de contrasten per deel erg groot.
Dit is Romantisch, omdat:
- Dit stuk een nationalistisch karakter. Johannes Brahms kwam uit Oostenrijk, wat toentertijd nog Oostenrijk-Hongarije was. Brahms heeft dus een aantal liederen uit zijn land genomen, die hij heeft omgeschreven tot piano- of orkeststukken. Dit is een van de kenmerken van de Romantiek: het inspelen van nationalisme op de stroming. De Romantiek was een stroming met escapistische trekken. Dit hield in dat men het toen helemaal niet zo leuk vond in de wereld en daarom maar las en in dit geval luisterde over andere oorden, fantasiewerelden en het eigen verleden. Omdat de landshistorie dus wat in het licht kwam te staan, had de Romantiek ook een beetje een nationalistisch uiterlijk. Dit is hier natuurlijk mooi te zien.
- Hiermee is mooi voort te bouwen op de volgende reden: dit stuk laat de Romantische hunker naar andere oorden zien. De Hongaarse dansen zijn (gebaseerd op) Hongaarse volksdansen en -liederen. Voor mensen uit andere landen was dit natuurlijk een mooi stuk om zich tijdelijk in een ander land met andere cultuur te wanen. Wat dat betreft zijn ze uitermate geschikt voor de Romanticus om naar te luisteren. Zo kon hij/zij immers ontsnappen aan de eigen samenleving, wat typisch Romantisch is. Dit heeft wellicht ook bijgedragen aan het succes van het stuk: de Hongaarse dansen, en met name deze No. 5, behoren tot Brahms' bekendste werken.
vrijdag 8 mei 2015
Reize door het Aapenland
De verlichting was een belangrijke periode in de geschiedenis. In die periode begon men zelfstandig te denken en meer geloof en tijd te steken in wetenschap, in plaats van in het christendom. Uit deze periode zijn veel literaire werken bewaard gebleven. Een van deze werken is Reize door het Aapenland van Gerrit Paape, onder het pseudoniem J.A. Schasz M.D.. In dit betoog ga ik uitleggen waarom dit boek representatief is voor de verlichtingsliteratuur.
Eerst wat achtergrondinformatie. De verlichting was een periode in de geschiedenis, die zich niet alleen op literair niveau voltrok. De hele samenleving onderging een verandering onder de verlichting. Men begon minder belang te hechten aan de kerk, en meer zelf over allerlei zaken na te denken en onderzoeken te doen. Zodoende maakte de wetenschap grote sprongen, en werden er veel belangrijke uitvindingen gedaan en ontdekkingen gemaakt. Men was er van overtuigd dat goede educatie en opvoeding belangrijk waren, en dat deze zaken men ervan zouden weerhouden om het slechte pad op te gaan. Ook werden mensen steeds kritischer. In de literatuur was dit vaak te zien. Imaginaire reisverhalen kwamen bijvoorbeeld erg in trek, omdat men door middel van het creëren van een imaginair land, de werkelijke samenleving te bekritiseren.
Dat is ook gelijk de eerste reden dat Reize door het Aapenland een representatief verlichtingswerk is. Het boek is een imaginair reisverhaal. De hoofdpersoon komt in een land terecht dat niet bestaat, namelijk: het Aapenland. In dit land leven, zoals de naam al zegt, alleen maar apen. En door middel van dit land wordt er maatschappijkritiek geleverd. De apen willen net als de mensen zijn. Een aantal apen houden vergaderingen over hoe dit uitgevoerd moet worden. Hier krijgen ze echter gelijk ruzie over, wat uiteindelijk resulteert in de slechtste beslissing die ze hadden kunnen nemen: iedere aap de staart afhakken. Dit resulteert in de dood van vele apen. De kritiek is niet gelijk helemaal duidelijk, maar met behulp van de inleiding van de bulkboekeditie wordt het duidelijk: er wordt hier gedoeld op de patriotten. Ook zij hadden vele vergaderingen, en verdeelde meningen.
Ook belangrijk is dat er wetenschappelijke kennis wordt aangehaald. Er wordt namelijk in het achtste hoofdstuk gesproken over de evolutietheorie: 'Dat men dus, van een zandkorrel af tot een engel toe een bijna onmerkbare trapsgewijze opklimming vindt? Men heeft dit duizend malen beschreven. Weet gij dan niet dat een aap het dichtst bij de mens komt en dat, wanneer uw natuuronderzoekers ons recht wilden doen en zij niet bang waren voor uw godgeleerden, zij ons even goed mensen zouden moeten noemen als zij de naam van dier aan een veeltakkige zeeplant geven?' Hier wordt duidelijk over evolutie gesproken, en de evolutionaire relatie tussen mensen en apen.
Tenslotte zit er ook een les in het verhaal. Het laat zien dat het belangrijk is om je verstand goed te gebruiken. De apen krijgen ruzie over de staartkwestie, en de pro-afhakkant gebruikt allerlei gemene trucs om hun standpunt het populairst te maken. Het gaat hen meer om de winst en het overwinnen van de kant tegen het afhakken. Die kant gebruikte meer het verstand en had het beste met de apensamenleving voor. Ze worden echter onderdrukt door de pro-afhakkant, die dus weinig zinnigs te zeggen hebben en alleen proberen de andere partij in een slecht licht te zetten. Deze contra-afhakkant wordt uiteindelijk zeer klein. Het afhakken blijkt achteraf een slecht idee te zijn, bijna alle apen lijden of overlijden. Dit bewijst dan dat men het verstand goed moet gebruiken, en zich niet zomaar moet laten overtuigen van de meningen van hooggeplaatste personen.
Een perfecte representatie is dit natuurlijk niet. Het is bijvoorbeeld zo, dat de hoofdpersoon van tijd tot tijd nogal dom overkomt. Het boek begint bijvoorbeeld met zijn vrouw, dienstmeid, paard en hond die in het water vallen. Hij denkt een uur na over wie hij het beste kan redden, alleen maar om te ontdekken dat ze allemaal verdronken zijn. En hij verzint een aantal rare verklaringen en theorieën over het apenland. Zo denkt hij bijvoorbeeld al snel dat de zielen van zijn vrouw en dienstmeid in twee apen terecht zijn gekomen. Deze theorie is weinig wetenschappelijk, en niet erg kenmerkend voor de verlichting.
Ondanks dit is dit boek toch zeer typerend voor de verlichting. Het is in de karakteristieke imaginair-reisverhaalvorm geschreven, er wordt echte wetenschappelijke kennis aangehaald en het bevat een wijze les.
Eerst wat achtergrondinformatie. De verlichting was een periode in de geschiedenis, die zich niet alleen op literair niveau voltrok. De hele samenleving onderging een verandering onder de verlichting. Men begon minder belang te hechten aan de kerk, en meer zelf over allerlei zaken na te denken en onderzoeken te doen. Zodoende maakte de wetenschap grote sprongen, en werden er veel belangrijke uitvindingen gedaan en ontdekkingen gemaakt. Men was er van overtuigd dat goede educatie en opvoeding belangrijk waren, en dat deze zaken men ervan zouden weerhouden om het slechte pad op te gaan. Ook werden mensen steeds kritischer. In de literatuur was dit vaak te zien. Imaginaire reisverhalen kwamen bijvoorbeeld erg in trek, omdat men door middel van het creëren van een imaginair land, de werkelijke samenleving te bekritiseren.
Dat is ook gelijk de eerste reden dat Reize door het Aapenland een representatief verlichtingswerk is. Het boek is een imaginair reisverhaal. De hoofdpersoon komt in een land terecht dat niet bestaat, namelijk: het Aapenland. In dit land leven, zoals de naam al zegt, alleen maar apen. En door middel van dit land wordt er maatschappijkritiek geleverd. De apen willen net als de mensen zijn. Een aantal apen houden vergaderingen over hoe dit uitgevoerd moet worden. Hier krijgen ze echter gelijk ruzie over, wat uiteindelijk resulteert in de slechtste beslissing die ze hadden kunnen nemen: iedere aap de staart afhakken. Dit resulteert in de dood van vele apen. De kritiek is niet gelijk helemaal duidelijk, maar met behulp van de inleiding van de bulkboekeditie wordt het duidelijk: er wordt hier gedoeld op de patriotten. Ook zij hadden vele vergaderingen, en verdeelde meningen.
Ook belangrijk is dat er wetenschappelijke kennis wordt aangehaald. Er wordt namelijk in het achtste hoofdstuk gesproken over de evolutietheorie: 'Dat men dus, van een zandkorrel af tot een engel toe een bijna onmerkbare trapsgewijze opklimming vindt? Men heeft dit duizend malen beschreven. Weet gij dan niet dat een aap het dichtst bij de mens komt en dat, wanneer uw natuuronderzoekers ons recht wilden doen en zij niet bang waren voor uw godgeleerden, zij ons even goed mensen zouden moeten noemen als zij de naam van dier aan een veeltakkige zeeplant geven?' Hier wordt duidelijk over evolutie gesproken, en de evolutionaire relatie tussen mensen en apen.
Tenslotte zit er ook een les in het verhaal. Het laat zien dat het belangrijk is om je verstand goed te gebruiken. De apen krijgen ruzie over de staartkwestie, en de pro-afhakkant gebruikt allerlei gemene trucs om hun standpunt het populairst te maken. Het gaat hen meer om de winst en het overwinnen van de kant tegen het afhakken. Die kant gebruikte meer het verstand en had het beste met de apensamenleving voor. Ze worden echter onderdrukt door de pro-afhakkant, die dus weinig zinnigs te zeggen hebben en alleen proberen de andere partij in een slecht licht te zetten. Deze contra-afhakkant wordt uiteindelijk zeer klein. Het afhakken blijkt achteraf een slecht idee te zijn, bijna alle apen lijden of overlijden. Dit bewijst dan dat men het verstand goed moet gebruiken, en zich niet zomaar moet laten overtuigen van de meningen van hooggeplaatste personen.
Een perfecte representatie is dit natuurlijk niet. Het is bijvoorbeeld zo, dat de hoofdpersoon van tijd tot tijd nogal dom overkomt. Het boek begint bijvoorbeeld met zijn vrouw, dienstmeid, paard en hond die in het water vallen. Hij denkt een uur na over wie hij het beste kan redden, alleen maar om te ontdekken dat ze allemaal verdronken zijn. En hij verzint een aantal rare verklaringen en theorieën over het apenland. Zo denkt hij bijvoorbeeld al snel dat de zielen van zijn vrouw en dienstmeid in twee apen terecht zijn gekomen. Deze theorie is weinig wetenschappelijk, en niet erg kenmerkend voor de verlichting.
Ondanks dit is dit boek toch zeer typerend voor de verlichting. Het is in de karakteristieke imaginair-reisverhaalvorm geschreven, er wordt echte wetenschappelijke kennis aangehaald en het bevat een wijze les.
dinsdag 10 februari 2015
Verwerkingsopdracht 16e-17e eeuw
Schilderij 1: 'Soo voer gesongen, soo na gepepen' van Jan Steen
Op dit schilderij is een gezin te zien dat vrolijk aan het drinken is. Iedereen lacht, er wordt muziek gemaakt, iemands wijnglas wordt bijgevuld en een jongetje mag een pijp proberen.
Op dit schilderij wordt uitgebeeld dat teveel drinken slecht is. Een van de mannen denkt in zijn dronkenschap dat het wel leuk en grappig is als hij een klein jongetje van zijn pijp laat proberen, terwijl roken toch heel slecht voor je is. Dit dringt ook door in de titel van het schilderij. De norm/waarde die wordt doorgegeven is dat teveel drinken leidt tot slechte ideeën en situaties.
Er is een overeenkomst te zien tussen dit schilderij en Bredero's lied Boerengezelschap. In dit lied wordt namelijk ook de boodschap overgegeven dat teveel drank leidt tot ellendige situaties.
Schilderij 2: 'Dat ghy soekt, soek ick mee' van Jan Steen
Op dit schilderij is te zien hoe er twee mannen zijn die beide proberen een meisje te verleiden: een oudere man die met zijn geld probeert het meisje voor zich te winnen, en een jongere man die eigenlijk niks aan haar te bieden heeft wat cadeaus betreft.
Het schilderij probeert uit te beelden dat rijkdom niet alles voor je kan kopen. De oude man wil het meisje graag hebben en probeert haar zodoende 'om te kopen'. Maar het meisje wil hem niet. Ze wil liever de jonge man, met wie ze echt plezier kan hebben en van wie ze houdt. Dit is te zien aan het feit dat ze niet geïnteresseerd lijkt in het geld van de man, niet naar hem kijkt en een soort afwijzend gebaar naar hem maakt. Ze heeft haar andere hand echter op het been van de jonge man liggen en hij liefkozend naar haar kijkt. Het feit dat hij geen pogingen doet om haar te verleiden doet vermoeden dat hij haar al voor zich gewonnen heeft. De boodschap van het schilderij is dus: echte, jeugdige liefde wint het van rijkdom.
Dit schilderij vertoont grote gelijkenissen met een lied van Bredero: 'Een oud bestevaartje, met een jong meisje'. Ook hierin probeert een oude man een jong meisje voor zich te winnen door middel van zijn rijkdom. Zijn poging is echter zonder succes: ze zegt dat ze liever jonge mannen heeft en dat ze er zelfs al een heeft. De titel lijkt zelfs heel even op een veel voorkomende zin in het lied: 'wat jij zoekt, zoek ik mee'.
Schilderij 3: 'Boerengevecht bij het kaartspel' van Adriaen Brouwer
Op dit schilderij zijn een paar boeren te zien die tijdens het kaarten ruzie hebben gekregen en aan het vechten geslagen zijn.
Met dit schilderij laat de schilder zien dat kaarten met boeren tot geweld kan leiden. Er wordt in de titel namelijk nadruk gelegd op het feit dat deze mannen boeren zijn, en het gevecht is ook nog eens duidelijk te zien.
Dit schilderij toont ook gelijkenis met Bredero's 'Boerengezelschap'. Ook daarin wordt namelijk gepraat over boeren die gaan gokken/kaarten en daarbij ruzie krijgen. Dit komt weliswaar gedeeltelijk doordat de boeren al veel alcohol op hebben, wat in het schilderij natuurlijk niet na te gaan is, maar in het laatste gedeelte van het lied waarschuwt Bredero voor boeren en hun feesten in het algemeen. De les dat kaarten en boeren niet goed samen gaan is dus ook terug te vinden in het lied.
Abonneren op:
Reacties (Atom)
